door Jaime Richard; gepubliceerd in Kaosenlared op 4 mei 2010:
Wie heeft jullie verteld dat het leven prachtig is, omdat liefde, haat, jaloezie, vriendschap, ambitie, afgunst en dankbaarheid bestaan?
Zie je niet dat al deze opwindende dingen, die we ooit gevoelens noemden en andere zwakheden kinderen zijn van het taalgebruik? Taalgebruik, dat beelden produceert die het hart kunnen raken, maar die niet meer zijn dan uitvindingen van een in velerlei opzichten waanzinnige beschaving, waarin nauwelijks verschil te zien is tussen waarheid en leugen.
Bovendien, als we de kunst verworven hebben om met leugens en bedrog te leven, dan is dat omdat we die eigenlijk liever horen dan de waarheid. We weten dat we voortdurend en probleemloos bedrogen worden, maar de waarheid zou nog veel pijnlijker zijn... Dat is het absurde. De Amerikanen echter hebben deze neiging te ver doorgevoerd. Hoewel ze zich er terdege van bewust waren dat hij een in bedrog ingegraven volkerenmoordenaar was, hebben ze ten tweede male voor Bush gestemd, die hen dankzij zijn grootschalige misdaden kon volpompen met olie, terwijl hij tegelijkertijd zichzelf en zijn trawanten verrijkte. Dit schijn-"denken" gaat gepaard met de monsterlijke politieke actie die "neoliberalisme" genoemd wordt. Er is geen ontsnappen aan, want het neoliberalisme is niets anders dan de legalisering van een maximale en wilde sociale uitbuiting.
Hier in Spanje is het neoliberalisme aan het doordringen, evenals in de meeste Europese landen, want van de veertien socialistische regeringen van enkele jaren geleden zijn er nog maar drie over. En zelfs in deze regeringen stinkt het neoliberalisme in een groeiende oppositie. Niet echter alleen in die vorm. Op dit moment heeft de Spaanse regering, die zichzelf socialistisch noemt, al 29 publieke instanties opgeheven om hun activiteiten over te doen aan particuliere handen; precies wat de neoliberalen willen, privatisering. Niet omdat dat het meest rationeel is, maar omdat het de makkelijkste en tevens de meest dierlijke politiek is: het is voldoende als er geld, pers en televisie (bijna alle media zijn van hen) binnen handbereik zijn, en volop politie. En zoals natuurlijk is, verleidt het neoliberalisme met zoveel van dat soort hulpmiddelen de Macht, net zoals het individu sterk verlokt wordt door de overdaad, de ondeugden en het instinct van agressie.
Het is niet voor niets dat het sociale tuig, dat in Sitges van 3 tot 6 juni bij elkaar zal komen in het kader van een Bilderberg-conferentie, sedert enige tijd de quintessens belichaamt van "het neoliberale". En de neoliberale "zaak"vormt een perfecte combinatie van de provocatie en de leugen. De angst die de Bilderberggroep vanaf zijn ontstaan in 1954 de wereld inboezemt komt voort uit de nauwe banden die zij steeds heeft gehad met het Verenigdestaatse imperialisme...
Het "verklaarde" doel van Bilderberg was "het vormen van een knooppunt rond een gemeenschappelijke politieke lijn tussen de Verenigde Staten en Europa tegenover Rusland en het communisme". Sindsdien is zijn invloed uitgegroeid tot de macht van een kernkop. Bilderberg is een geheim genootschap, waarvan de bijeenkomsten zich in de grootst mogelijke afzondering afspelen. Daarom mogen we niet verwachten dat er iets goed kan komen van niet verkozen mensen, die niet namens anderen handelen, maar alleen namens zichzelf, en die het voorrecht claimen de toekomst van de wereld te plannen. Er zijn elke keer meer mensen die redelijke vermoedens koesteren dat Bilderberg steeds verder is veranderd in de ziel van het "neoliberalisme", een soort Misdaadsyndicaat, dat zich al enige tijd inzet om verscheidene landen van de kaart te laten verdwijnen en de planeet om te vormen tot een Particulier Bedrijf N.V.; mensen die vrezen dat dat aanvankelijke "knooppunt" tegen Rusland en het communisme, nu door Bilderberg over de hele wereld uitgespreid wordt ter behartiging van bepaalde duivels onmenselijke belangen.
Duivelse belangen? Bedoeling? Op de aarde alleen de "goeden" en de rijken laten leven, die stipt bediend worden door vier miljard lakeien, die tegelijkertijd grootschalige en dwangmatige consumenten zijn van niemendalletjes. En wat gebeurt er met de rest? Die zal worden uitgeschakeld, zoals een sprinkhanenplaag wordt uitgeroeid, om te voorkomen dat de wereldbevolking explodeert. Dit menselijke afval komt in Sitges bijeen om te praten over hoe ze moeten handelen in deze nieuwe fase en hoe ze de juiste boodschappen aan hun marionetten moeten overbrengen. Wat een afschuwelijk idee...
Overgenomen in het kader van de Creative Commons-licentie van Kaosenlared - vertaald door Dwarslezer.
woensdag 5 mei 2010
Formules
door Raimundo Fitero, gepubliceerd op 3 mei 2010 in Gara:
Verhoog de belastingen, verlaag de lonen, kort de pensioenen en snijd in het aantal ambtenaren. De magische formule. Griekenland in het hart. Zon, zee, geitenkaas, leuke ezeltjes of dansen aan de Middellandse Zee vormen het beeld van een toerisch paradijs, dat nu is veranderd in een hel voor zijn bewoners. De Grieken gingen de straat op om te protesteren tegen de door hun regering genomen maatregelen, die zich wil handhaven in de Europese club van de nalatige kapitalisten. "Laten we Griekenland redden door de Grieken te laten verzuipen", lijkt de boodschap te zijn die duidelijk moet worden begrepen door alle landen die nog zitten met rekeningen die niet zijn afgehandeld op de wijze zoals gewenst wordt door de Europese leiders, de ondergeschikten van de wereldwijde bank- en financiële bewegingen, vermomd als hagedissen of wat dan ook nodig is om maar de controle over het geld te kunnen handhaven.
In de aankondiging van Papandreou komt de vermindering van het aantal ambtenaren maar vreemd over. Specialisten verzekeren dat er in deze tijd van economische crisis hele steden en sectoren zijn die overleven dankzij de koopkracht van de ambtenaren die weten dat hun salaris veilig is, wat er ook gebeurt. Ze hebben ook ontdekt dat rond de 40% van de bevolking van sommige Europese landen leeft voor rekening van de staat in al zijn vormen: autonome gemeenschappen, provincies en gemeenten, plus nog de gepensioneerden en werklozen. Een vermindering van het aantal ambtenaren zou de machtsstructuur verzwakken. Dat zullen ze niet durven. De meeste beslissingen moeten worden genomen door ambtenaren.
De staat is geen bron die het geld creëert, maar de ontvanger van de belastingen die door iedereen betaald worden. Wanneer de algemene economische activiteit lager wordt, verstoort dat het evenwicht en groeit de publieke schuld. Als die een bepaald percentage overschrijdt en de grenzen van de financiële garanties bereikt, beginnen de haaien, de banken, druk uit te oefenen en drijven ze de landen in de richting van een faillissement. Dezelfden die het probleem veroorzaken, bieden de verkeerde oplossing. Steeds ten nadele van de arbeidersklasse. Snijden in de sociale rechten, verhogen van de indirecte belastingen, lonen verlagen. Tezelfdertijd krijgen de managers van de banken schandalige pensioenen. Als we nu eens van systeem veranderen?
Overgenomen met toestemming van de redactie van Gara - vertaald door Dwarslezer.
Verhoog de belastingen, verlaag de lonen, kort de pensioenen en snijd in het aantal ambtenaren. De magische formule. Griekenland in het hart. Zon, zee, geitenkaas, leuke ezeltjes of dansen aan de Middellandse Zee vormen het beeld van een toerisch paradijs, dat nu is veranderd in een hel voor zijn bewoners. De Grieken gingen de straat op om te protesteren tegen de door hun regering genomen maatregelen, die zich wil handhaven in de Europese club van de nalatige kapitalisten. "Laten we Griekenland redden door de Grieken te laten verzuipen", lijkt de boodschap te zijn die duidelijk moet worden begrepen door alle landen die nog zitten met rekeningen die niet zijn afgehandeld op de wijze zoals gewenst wordt door de Europese leiders, de ondergeschikten van de wereldwijde bank- en financiële bewegingen, vermomd als hagedissen of wat dan ook nodig is om maar de controle over het geld te kunnen handhaven.
In de aankondiging van Papandreou komt de vermindering van het aantal ambtenaren maar vreemd over. Specialisten verzekeren dat er in deze tijd van economische crisis hele steden en sectoren zijn die overleven dankzij de koopkracht van de ambtenaren die weten dat hun salaris veilig is, wat er ook gebeurt. Ze hebben ook ontdekt dat rond de 40% van de bevolking van sommige Europese landen leeft voor rekening van de staat in al zijn vormen: autonome gemeenschappen, provincies en gemeenten, plus nog de gepensioneerden en werklozen. Een vermindering van het aantal ambtenaren zou de machtsstructuur verzwakken. Dat zullen ze niet durven. De meeste beslissingen moeten worden genomen door ambtenaren.
De staat is geen bron die het geld creëert, maar de ontvanger van de belastingen die door iedereen betaald worden. Wanneer de algemene economische activiteit lager wordt, verstoort dat het evenwicht en groeit de publieke schuld. Als die een bepaald percentage overschrijdt en de grenzen van de financiële garanties bereikt, beginnen de haaien, de banken, druk uit te oefenen en drijven ze de landen in de richting van een faillissement. Dezelfden die het probleem veroorzaken, bieden de verkeerde oplossing. Steeds ten nadele van de arbeidersklasse. Snijden in de sociale rechten, verhogen van de indirecte belastingen, lonen verlagen. Tezelfdertijd krijgen de managers van de banken schandalige pensioenen. Als we nu eens van systeem veranderen?
Overgenomen met toestemming van de redactie van Gara - vertaald door Dwarslezer.
maandag 3 mei 2010
Een ontnuchterende terugkeer naar de Middeleeuwen
Het volgende artikel van Eliades Acosta werd op 29 april 2010 gepubliceerd door Cubadebate:
Alleen in de duistere Middeleeuwen, gemarkeerd door de ijzeren alomtegenwoordigheid van de orthodoxie, het katholieke fanatisme en de vrome massale folteringen en verbrandingen van de Inquisitie, was het mogelijk aan de meerderheid van de mensen het idee op te leggen dat er, bij goddelijk recht, onaantastbare en eeuwige instellingen en teksten bestaan. Door middel van dit rust afdwingende en repressieve, intolerante en inhumane wereldbeeld was het mogelijk om de menselijke geest te onderwerpen aan de wetten van de monarchieën en de kerk zelf. Toen kwam de Renaissance en hand in hand daarmee een herontdekking van de mens en de vergankelijkheid van de tijd, een hernieuwd respect voor de vruchten van de eigen scheppingen en creativiteit, en dus een nieuwe verbintenis met de rede en haar vruchten, en een terugkeer van het vertrouwen in de ooit zo bestreden wetenschap.
Vanuit deze lente van de mens en zijn intelligentie, uit de kunst en de wetenschap, uit de nieuwe ideeën en nieuwe tijden ging het verder naar de burgerlijke revoluties. En deze brachten nieuwe teksten en nieuwe instellingen, waaronder grondwetten, meer democratische regeringsvormen en -normen, seculiere staten, mensenrechten en burgerrechten, nieuwe wetboeken en wetten. Het was zonder twijfel een enorme stap voorwaarts voor de mensheid, een sprong in het licht, getuigenis van de weigering om in de duisternis te blijven rondstruikelen. Vandaar de glorieuze Franse Revolutie.
Vervolgens werd diezelfde bourgeoisie, die indertijd revolutionair was toen zij de progressieve idealen van miljoenen belichaamden, reactionair en keerde zij zich af van haar eerdere idealen of interpreteerde zij die op een voor de bezitslozen schadelijke wijze. En met die schijnbare stagnatie begon het stadium van de proletarische of socialistische revoluties, en een krachtige anti-koloniale en anti-imperialistische beweging die het aanschijn van de twintigste eeuw veranderde.
Maar tot zijn verbazing bemerkt iedere onbevooroordeelde lezer, die deze dagen op Townhall.com het artikel leest van een zekere Mario Díaz, directeur voor juridisch beleid van de conservatieve vrouwenorganisatie Concerned Women for America, dat de Middeleeuwen nog niet voorbij zijn. En dat men nu, in de 21e eeuw, in het kielzog van de conservatieve en neoconservatieve organisaties opnieuw van plan is om het denken en de sociale praktijk te koppelen aan de oude grenzen van het irrationele, van het fanatisme, het onveranderlijke en het eeuwige. Zoals in de tijd waarin de geloofsartikelen angstvallig bewaakt werden en door iedereen verplicht in acht genomen moesten worden, op last van de boosaardige foltermachines en straffen voor de zonden, van de serafijnse Tomás de Torquemada.
In de grond worden, nu net als vroeger, uitsluitend de egoïstische belangen van de uitbuitende klassen gehuld in religieuze en morele verontrusting. De vermeende onaantastbaarheid van de "goddelijke" instellingen en teksten is het resultaat van de perverse verheerlijking van de teksten die de mechanismen steunen en heiligen die de tijdelijke macht van deze klassen waarborgt. Wanneer dus een woedende Mario Díaz ervoor pleit dat weliswaar alle door God geschapen mensen gelijk geboren worden, maar dat de door hen verdedigde ideeën, met name op het gebied van de politiek, niet op dezelfde manier beschouwd mogen worden, is het dan ook, vanuit dit oogpunt, volstrekt logisch dat hij boos elke interpretatie van de fundamentele wetten van het land, vooral de Grondwet, afwijst en dat hij deze tijdloos en onaantastbaar noemt, dat wil zeggen, eeuwig geldig bij de goddelijke genade. Het is ook geen toeval dat deze vrome aanslag plaatsvindt op een moment waarop de echo's nog niet verstomd zijn van de goedkeuring - met een krappe meerderheid - in het Congres van de door Obama voorgestelde hervorming van de gezondheidszorg, en waarop er een felle strijd plaatsvindt rond de voorgestelde eisen om hervorming van de financiën en van Wall Street.
De geschiedenis toont het ons herhaaldelijk met voorbeelden: wanneer mensen proberen de wetten te veranderen, zelfs zonder radicale bedoelingen, verschijnen er altijd hoeders van de gevestigde meningen en het geloof, die roepen om de rangen te sluiten tegen het slechte en het dwaze. Dat is juist de zin van het artikel van de heer Díaz, en zijn erkenning, dat we in de 21e eeuw, "niet allemaal gelijk zijn".
Maar zijn oproep om terug te keren naar de oude middeleeuwse tijden heeft een toegevoegde waarde: hij staat ons daarmee toe van dichtbij een blik te werpen op een wonderlijke organisatie als de Concerned Women for America, die ook een middeleeuws fossiel is, een parasiet, ingebed in de rechtvaardige strijd van vrouwen overal ter wereld voor hun rechten. En zo heeft hij ons laten zien hoe dit strakke neoconservatieve weefsel opgebouwd wordt, dat het hele sociale leven in Noord-Amerika, en ook buiten haar grenzen, doordrenkt.
De CWA claimt een half miljoen leden te hebben en meer dan 500 afdelingen in het hele land. "Wij zijn de grootste vrouwenorganisatie in de Verenigde Staten" wordt op hun website aangegeven. "We bestaan al meer dan dertig jaar. We brengen de bijbelse grondbeginselen naar het niveau van de openbare orde."
Onder de zes belangrijkste onderwerpen van de CWA bevinden zich het gezin ("Wij verdedigen het heteroseksuele huwelijk, dat trouw is aan de bijbelse opdracht"), de opvoeding (" Wij pleiten voor de overdracht van het gezag aan de ouders") en de nationale soevereiniteit ("Noch de VN, noch een internationale organisatie kan op welk gebied dan ook gezag uitoefenen over de Verenigde Staten").
De missie van de CWA is het "bevorderen en beschermen van de bijbelse waarden onder de burgers, op de eerste plaats door gebed; vervolgens door middel van het onderwijs, en ten slotte door het beïnvloeden van de samenleving om het verval van de morele waarden van de natie te keren" .
Maar de thomistische filosofie van de CWA wordt samengevat in haar zorgen en activiteiten met betrekking tot wat genoemd wordt "de nationale soevereiniteit". Dit thema is geenszins etherisch, maar zeer aards, en hier worden de nauwe banden getoond tussen dit middeleeuwse 'feminisme' enerzijds en het gedachtengoed en de meest conservatieve politieke praktijk van het land:
"We lijden onder het verlies van onze soevereiniteit aan internationale organisaties (VN, UNICEF, WHO, enz.)... Het ontbreekt aan veiligheid aan onze grenzen om ons te beschermen tegen terroristen en illegale immigranten... En we zijn met name bezorgd over onze nationale veiligheid en de toenemende druk om die te verzwakken..."
Om deze gevaren te bezweren, stelt CWA maatregelen voor, die niet ontworpen lijken door eeuwig biddende vrome dames, maar door de neoconservatieve havik John Bolton in de stijl van Dick Cheney:
"We moeten de onafhankelijkheid van de Verenigde Staten opnieuw vastleggen en geen enkele buitenlandse organisatie erkennen, noch interpretaties van onze Grondwet... ervoor zorgen dat de Verenigde Staten over het machtigste defensiesysteem ter wereld beschikken teneinde de buitenlandse agressie in toom te houden."
De aap is uit de mouw gekomen: onder het mom van gebeden en smekingen piept het harige oor uit van de eeuwige neoconservatieve obsessie ten aanzien van de nationale veiligheid, en de stookketels van de opgeklopte angst braken ononderbroken rook uit. Ook raden we dat tussen de coulissen het militair-industrieel complex, de hand die de boel in beweging houdt, trots staat te knikken.
De CWA is niet bepaald een club van vrome vrouwen. Op hun website staat bijvoorbeeld de lijst van de 11 Texaanse wetgevers die op 21 maart ten gunste van de hervorming van de gezondheidszorg gestemd hebben, met de oproep dat "het tijd [is] om te komen tot steun van de natie en te handelen". Wendy Wright, CWA's voorzitter, reisde samen met Beverly LaHaye naar Honduras als waarnemer bij de verkiezingen om die zo te wettigen en om het beeld wit te wassen van een brute en anti-christelijke staatsgreep, waarbij tientallen moorden, verkrachtingen en mishandelingen van vrouwen en andere burgers plaatsvonden. Daar ontmoetten ze "respectabele" waarnemers zoals de oplichter Armando Valladares, neppe gehandicapte en nog neppere dichter, die betiteld werd "als een politieke gevangene in Cuba omdat hij weigerde de regels van het communisme te accepteren".
En om deze middeleeuwse kermis met een gouden speld af te sluiten schenkt mevrouw Wright ons in haar herinneringen als freedom fighter nog een ander detail dat afkomstig lijkt uit de donkere tijden:
"Misschien heeft God geglimlacht om dit arme land (Honduras), toen een groep evangelische en katholieke voorgangers hoorde van Zelaya's poging om een referendum te houden, en opriep tot een week van gebed... Een paar dagen later werd hij afgezet."
Geen wonder dat deze dagen, waarin Wall Street door Obama's voorstellen een paar kruimels van zijn immense corrupte en corrumperende macht zou kunnen verliezen, de vrome Dames in het Wit van de CWA ononderbroken hun gebeden en wakes voortzetten.
Het is voor de koningen en aardse machten dat de middeleeuwse kerk zich inzet. Er is vandaag de dag nog niets veranderd.
Overgenomen met toestemming van CubaDebate. Vertaald door Dwarslezer.
Alleen in de duistere Middeleeuwen, gemarkeerd door de ijzeren alomtegenwoordigheid van de orthodoxie, het katholieke fanatisme en de vrome massale folteringen en verbrandingen van de Inquisitie, was het mogelijk aan de meerderheid van de mensen het idee op te leggen dat er, bij goddelijk recht, onaantastbare en eeuwige instellingen en teksten bestaan. Door middel van dit rust afdwingende en repressieve, intolerante en inhumane wereldbeeld was het mogelijk om de menselijke geest te onderwerpen aan de wetten van de monarchieën en de kerk zelf. Toen kwam de Renaissance en hand in hand daarmee een herontdekking van de mens en de vergankelijkheid van de tijd, een hernieuwd respect voor de vruchten van de eigen scheppingen en creativiteit, en dus een nieuwe verbintenis met de rede en haar vruchten, en een terugkeer van het vertrouwen in de ooit zo bestreden wetenschap.
Vanuit deze lente van de mens en zijn intelligentie, uit de kunst en de wetenschap, uit de nieuwe ideeën en nieuwe tijden ging het verder naar de burgerlijke revoluties. En deze brachten nieuwe teksten en nieuwe instellingen, waaronder grondwetten, meer democratische regeringsvormen en -normen, seculiere staten, mensenrechten en burgerrechten, nieuwe wetboeken en wetten. Het was zonder twijfel een enorme stap voorwaarts voor de mensheid, een sprong in het licht, getuigenis van de weigering om in de duisternis te blijven rondstruikelen. Vandaar de glorieuze Franse Revolutie.
Vervolgens werd diezelfde bourgeoisie, die indertijd revolutionair was toen zij de progressieve idealen van miljoenen belichaamden, reactionair en keerde zij zich af van haar eerdere idealen of interpreteerde zij die op een voor de bezitslozen schadelijke wijze. En met die schijnbare stagnatie begon het stadium van de proletarische of socialistische revoluties, en een krachtige anti-koloniale en anti-imperialistische beweging die het aanschijn van de twintigste eeuw veranderde.
Maar tot zijn verbazing bemerkt iedere onbevooroordeelde lezer, die deze dagen op Townhall.com het artikel leest van een zekere Mario Díaz, directeur voor juridisch beleid van de conservatieve vrouwenorganisatie Concerned Women for America, dat de Middeleeuwen nog niet voorbij zijn. En dat men nu, in de 21e eeuw, in het kielzog van de conservatieve en neoconservatieve organisaties opnieuw van plan is om het denken en de sociale praktijk te koppelen aan de oude grenzen van het irrationele, van het fanatisme, het onveranderlijke en het eeuwige. Zoals in de tijd waarin de geloofsartikelen angstvallig bewaakt werden en door iedereen verplicht in acht genomen moesten worden, op last van de boosaardige foltermachines en straffen voor de zonden, van de serafijnse Tomás de Torquemada.
In de grond worden, nu net als vroeger, uitsluitend de egoïstische belangen van de uitbuitende klassen gehuld in religieuze en morele verontrusting. De vermeende onaantastbaarheid van de "goddelijke" instellingen en teksten is het resultaat van de perverse verheerlijking van de teksten die de mechanismen steunen en heiligen die de tijdelijke macht van deze klassen waarborgt. Wanneer dus een woedende Mario Díaz ervoor pleit dat weliswaar alle door God geschapen mensen gelijk geboren worden, maar dat de door hen verdedigde ideeën, met name op het gebied van de politiek, niet op dezelfde manier beschouwd mogen worden, is het dan ook, vanuit dit oogpunt, volstrekt logisch dat hij boos elke interpretatie van de fundamentele wetten van het land, vooral de Grondwet, afwijst en dat hij deze tijdloos en onaantastbaar noemt, dat wil zeggen, eeuwig geldig bij de goddelijke genade. Het is ook geen toeval dat deze vrome aanslag plaatsvindt op een moment waarop de echo's nog niet verstomd zijn van de goedkeuring - met een krappe meerderheid - in het Congres van de door Obama voorgestelde hervorming van de gezondheidszorg, en waarop er een felle strijd plaatsvindt rond de voorgestelde eisen om hervorming van de financiën en van Wall Street.
De geschiedenis toont het ons herhaaldelijk met voorbeelden: wanneer mensen proberen de wetten te veranderen, zelfs zonder radicale bedoelingen, verschijnen er altijd hoeders van de gevestigde meningen en het geloof, die roepen om de rangen te sluiten tegen het slechte en het dwaze. Dat is juist de zin van het artikel van de heer Díaz, en zijn erkenning, dat we in de 21e eeuw, "niet allemaal gelijk zijn".
Maar zijn oproep om terug te keren naar de oude middeleeuwse tijden heeft een toegevoegde waarde: hij staat ons daarmee toe van dichtbij een blik te werpen op een wonderlijke organisatie als de Concerned Women for America, die ook een middeleeuws fossiel is, een parasiet, ingebed in de rechtvaardige strijd van vrouwen overal ter wereld voor hun rechten. En zo heeft hij ons laten zien hoe dit strakke neoconservatieve weefsel opgebouwd wordt, dat het hele sociale leven in Noord-Amerika, en ook buiten haar grenzen, doordrenkt.
De CWA claimt een half miljoen leden te hebben en meer dan 500 afdelingen in het hele land. "Wij zijn de grootste vrouwenorganisatie in de Verenigde Staten" wordt op hun website aangegeven. "We bestaan al meer dan dertig jaar. We brengen de bijbelse grondbeginselen naar het niveau van de openbare orde."
Onder de zes belangrijkste onderwerpen van de CWA bevinden zich het gezin ("Wij verdedigen het heteroseksuele huwelijk, dat trouw is aan de bijbelse opdracht"), de opvoeding (" Wij pleiten voor de overdracht van het gezag aan de ouders") en de nationale soevereiniteit ("Noch de VN, noch een internationale organisatie kan op welk gebied dan ook gezag uitoefenen over de Verenigde Staten").
De missie van de CWA is het "bevorderen en beschermen van de bijbelse waarden onder de burgers, op de eerste plaats door gebed; vervolgens door middel van het onderwijs, en ten slotte door het beïnvloeden van de samenleving om het verval van de morele waarden van de natie te keren" .
Maar de thomistische filosofie van de CWA wordt samengevat in haar zorgen en activiteiten met betrekking tot wat genoemd wordt "de nationale soevereiniteit". Dit thema is geenszins etherisch, maar zeer aards, en hier worden de nauwe banden getoond tussen dit middeleeuwse 'feminisme' enerzijds en het gedachtengoed en de meest conservatieve politieke praktijk van het land:
"We lijden onder het verlies van onze soevereiniteit aan internationale organisaties (VN, UNICEF, WHO, enz.)... Het ontbreekt aan veiligheid aan onze grenzen om ons te beschermen tegen terroristen en illegale immigranten... En we zijn met name bezorgd over onze nationale veiligheid en de toenemende druk om die te verzwakken..."
Om deze gevaren te bezweren, stelt CWA maatregelen voor, die niet ontworpen lijken door eeuwig biddende vrome dames, maar door de neoconservatieve havik John Bolton in de stijl van Dick Cheney:
"We moeten de onafhankelijkheid van de Verenigde Staten opnieuw vastleggen en geen enkele buitenlandse organisatie erkennen, noch interpretaties van onze Grondwet... ervoor zorgen dat de Verenigde Staten over het machtigste defensiesysteem ter wereld beschikken teneinde de buitenlandse agressie in toom te houden."
De aap is uit de mouw gekomen: onder het mom van gebeden en smekingen piept het harige oor uit van de eeuwige neoconservatieve obsessie ten aanzien van de nationale veiligheid, en de stookketels van de opgeklopte angst braken ononderbroken rook uit. Ook raden we dat tussen de coulissen het militair-industrieel complex, de hand die de boel in beweging houdt, trots staat te knikken.
De CWA is niet bepaald een club van vrome vrouwen. Op hun website staat bijvoorbeeld de lijst van de 11 Texaanse wetgevers die op 21 maart ten gunste van de hervorming van de gezondheidszorg gestemd hebben, met de oproep dat "het tijd [is] om te komen tot steun van de natie en te handelen". Wendy Wright, CWA's voorzitter, reisde samen met Beverly LaHaye naar Honduras als waarnemer bij de verkiezingen om die zo te wettigen en om het beeld wit te wassen van een brute en anti-christelijke staatsgreep, waarbij tientallen moorden, verkrachtingen en mishandelingen van vrouwen en andere burgers plaatsvonden. Daar ontmoetten ze "respectabele" waarnemers zoals de oplichter Armando Valladares, neppe gehandicapte en nog neppere dichter, die betiteld werd "als een politieke gevangene in Cuba omdat hij weigerde de regels van het communisme te accepteren".
En om deze middeleeuwse kermis met een gouden speld af te sluiten schenkt mevrouw Wright ons in haar herinneringen als freedom fighter nog een ander detail dat afkomstig lijkt uit de donkere tijden:
"Misschien heeft God geglimlacht om dit arme land (Honduras), toen een groep evangelische en katholieke voorgangers hoorde van Zelaya's poging om een referendum te houden, en opriep tot een week van gebed... Een paar dagen later werd hij afgezet."
Geen wonder dat deze dagen, waarin Wall Street door Obama's voorstellen een paar kruimels van zijn immense corrupte en corrumperende macht zou kunnen verliezen, de vrome Dames in het Wit van de CWA ononderbroken hun gebeden en wakes voortzetten.
Het is voor de koningen en aardse machten dat de middeleeuwse kerk zich inzet. Er is vandaag de dag nog niets veranderd.
Overgenomen met toestemming van CubaDebate. Vertaald door Dwarslezer.
donderdag 29 april 2010
Verrassend? Niet écht!
De New York Times heeft in het kader van de 'Freedom of Information Act' (een soort 'Wet Openbaarheid Bestuur') oude stukken opgevraagd bij het FBI over de beginjaren van de Koude Oorlog. Daaruit blijkt dat de toenmalige regeringen van president Truman en president Eisenhower dezelfde termen gebruikten om de Verenigdestaatse bevolking bang te maken voor de communisten als de regering van Barrack 'Change' Obama nu gebruikt om de bevolking angst aan te jagen voor de terroristen van Al Q'aida, waarbij ook hij o.a. de mogelijkheid noemt dat kleine nucleaire bommen via de Mexicaanse grens het land binnengesmokkeld zouden kunnen worden. (New York Times, 15 april 2010)
Misschien kunnen we daaruit afleiden hoe groot de dreiging van Al Q'aida wérkelijk is, ofschoon het Verenigdestaatse terrorisme natuurlijk overal ter wereld gewoon doorgaat met het uitmoorden van onschuldige burgers...
Misschien kunnen we daaruit afleiden hoe groot de dreiging van Al Q'aida wérkelijk is, ofschoon het Verenigdestaatse terrorisme natuurlijk overal ter wereld gewoon doorgaat met het uitmoorden van onschuldige burgers...
zondag 25 april 2010
Zekerheid in crisistijd (overgenomen artikel)
Overgenomen uit «Spanning» (tijdschrift van het Wetenschappelijk Bureau van de SP), van april 2010.
De SP laat zien dat we in tijden van economische crisis niet hoeven te bezuinigen op sociale zekerheid, maar mensen juist nu meer zekerheid moeten bieden.
In tijden van economische voorspoed riepen politici om het hardst dat we moesten bezuinigen. Op de publieke sector (voorzieningen konden we beter overlaten aan de markt) en op de sociale zekerheid (mensen moesten meer hun eigen verantwoordelijkheid nemen). Alleen door te bezuinigen konden we ons voorbereiden op slechte tijden. Nu zijn die slechte tijden aangebroken. Bankiers hebben ons spaargeld vergokt. Bestuurders hebben onze publieke voorzieningen verkocht. En politici hebben het allemaal laten gebeuren. Maar opnieuw klinkt dezelfde roep, om meer marktwerking in de publieke sector en minder regelingen voor sociale zekerheid. Of het met de economie nu goed gaat of slecht, het lijkt wel of we altijd moeten bezuinigen.
Sociale zekerheid is geen overbodige luxe waar je ongestraft op kunt bezuinigen. Juist in tijden van economische crisis moet de overheid mensen zekerheid bieden. Het is ongeloofwaardig dat politici die tientallen miljarden euro hebben uitgegeven om commerciële banken te redden, nu niet in staat zouden zijn om werklozen, zieken en ouderen bij te staan. Het is pervers dat bankiers elkaar weer hogere bonussen geven dan ooit, bestuurders zichzelf tonnen aan vergoedingen toekennen en politici weigeren hun riante vergoedingen te verlagen. Het is nog erger dat ondertussen medewerkers van de thuiszorg niet kunnen rondkomen, postbodes voortaan per stukgoed worden betaald en schoonmakers weken moeten staken voor een paar dubbeltjes extra.
Een beter Nederland voor minder geld. Dat is de beste samenvatting van ons verkiezingsprogramma. De SP wil de komende vier jaar voor 14 miljard euro bezuinigen op overbodige uitgaven en voor 6 miljard euro de lasten verhogen voor de mensen die dat het beste kunnen betalen. Daarnaast willen we 10 miljard euro investeren. In zorg en onderwijs, veiligheid en sociale zekerheid. Daarmee verlagen we het begrotingstekort van 6,3 procent in 2010 tot 1,25 procent in 2015. Met ons programma bieden.we drie keer zekerheid. De mensen die de afgelopen jaren het meest hebben geprofiteerd, laten we het eerst en het meest betalen. De overheid gaat niet bezuinigen, maar verantwoordelijkheid nemen voor onze publieke voorzieningen. In plaats van korten gaan we investeren in mensen die onze hulp nodig hebben.
ZEKERHEID 1: WE GAAN DE REKENING EERLIJK VERDELEN
Bijna alle politieke partijen - van VVD tot GroenLinks - leggen de rekening van de crisis bij de slachtoffers. Bij de ouderen (verhoging van de AOW-leeftijd) en de werklozen (beperking
van de WW). Onder de ideologische noemer van 'moderniseren', 'flexibiliseren' en 'participeren' worden sociale verworvenheden die we in de vorige eeuw na veel sociale strijd hebben opgebouwd, zonder omkijken weer afgebroken. Maar wanneer 'moderniseren' we onze economie? Waar blijven de maatregelen om te voorkomen dat we onszelf in een nieuwe crisis storten? Wanneer 'flexibiliseren' we de topinkomens? Waarom kunnen die alleen maar omhoog, maar niet omlaag? Wanneer gaan de rijken weer 'participeren'? En meer evenredig meebetalen aan onze samenleving?
De SP laat de mensen die de afgelopen jaren het meest hebben geprofiteerd nu het meest betalen. Na jaren van belastingverlagingen kunnen we van de mensen aan de top best wat meer vragen. In de inkomstenbelasting is het toptarief de afgelopen tijd verlaagd van 72 procent naar 52 procent. Wij willen een nieuw toptarief invoeren van 65 procent voor het bedrag dat mensen boven de 150.000 euro verdienen. Ook bedrijven vragen we een extra bijdrage te leveren. De winstbelasting (vennootschapsbelasting) is de afgelopen jaren verlaagd van 48 procent naar 25,5 procent. Die verhogen we naar 30 procent. De banken die miljarden belastinggeld hebben gekregen maken alweer winsten. Via een bankenheffing moeten ze een deel van de schade die ze hebben aangericht terugbetalen.
Bezuinigen kan ook door rijken minder te subsidiëren. De hypotheekrenteaftrek kost elk jaar ongeveer 12 miljard euro. Het meeste geld gaat naar de mensen met de duurste woningen, omdat die het meeste kunnen aftrekken. Voor iedereen met een hypotheekschuld tot 350.000 euro gaan we de hypotheekrenteaftrek garanderen. Daarboven gaan we de aftrek beperken. Politici moeten ook laten zien dat ze zelf de broekriem kunnen aanhalen. We beperken de topinkomens in de (semi)publieke sector. Niemand mag hier meer verdienen dan de minister-president. Ook maken we een einde aan de bijzondere sociale voorzieningen voor politici. In plaats van de royale wachtgeldregelingen brengen we oud-politici gewoon onder bij de WW, de ziektewet en de arbeidsongeschiktheidswet.
ZEKERHEID 2: WE GAAN INVESTEREN IN DE PUBLIEKE SECTOR
De SP heeft de afgelopen jaren onderzoek gedaan onder tienduizenden onderwijzers en politieagenten en medewerkers van zorg- en welzijnsinstellingen. En overal hoorden we hetzelfde verhaal. In de publieke sector zijn meer managers gekomen en dat heeft geleid tot meer bureaucratie. Medewerkers worden vaker gecontroleerd, maar hebben ondertussen minder mogelijkheden om hun werk goed te doen. Veel publieke instellingen zijn vervreemd van hun publieke taak. Woningcorporaties worden niet meer afgerekend op de huizen die ze bouwen, maar op de winst die ze maken. Veel publieke diensten zijn verzelfstandigd, zoals het spoorvervoer, of verkocht, zoals de busbedrijven. Onze grote energiebedrijven zijn zelfs verkocht aan buitenlandse overheidsbedrijven.
De SP wil de overheid weer verantwoordelijk maken voor dat wat van ons allemaal is. We investeren fors in het onderwijs, waar we de bemoeienis van managers verkleinen en de zeggenschap van leraren vergroten. In plaats van te bezuinigen, investeren we in de politie, in extra agenten en kleinschalige politieposten. We beperken de marktwerking in de zorg, met een inkomensafhankelijke zorgverzekering, minder bureaucratie en kleinschalige zorginstellingen. De verplichte aanbesteding van het openbaar vervoer verdwijnt en overheden kunnen weer eigen vervoersbedrijven beginnen. Gemeenten gaan samen met corporaties plannen maken voor een betere volkshuisvesting. Het rijk neemt de verantwoordelijkheid voor een duurzame energievoorziening.
Verantwoordelijkheid nemen betekent dat je problemen niet afschuift op anderen. Decennialang hebben politici toegekeken hoe de tegenstellingen in de samenleving toenamen. Hoe witte en zwarte scholen en buurten ontstonden. Politici kunnen hier niet volstaan met een beroep op eigen verantwoordelijkheid. Door te zeggen: migranten moeten zich aanpassen of wegwezen. De overheid moet mensen de mogelijkheden bieden om te integreren. Gemeenten nemen samen met scholen de verantwoordelijkheid voor gemengde scholen. Het rijk neemt samen met de corporaties de verantwoordelijkheid voor gemengde wijken. De arbeidsmarkt gaan we reguleren, zodat werknemers niet worden weggeconcurreerd en arbeidsmigranten niet worden uitgebuit.\
ZEKERHEID 3: WE GAAN MENSEN BETER BESCHERMEN
Ideologie maakt soms blind. Het neoliberalisme heeft politici van rechts tot links de ogen doen sluiten voor de werkelijkheid. De vroegere PvdA-leider Wouter Bos zei dat zijn partij te veel de Partij van de Gelijkheid was geworden en waarschuwde voor het 'paternalisme' van de overheid (Dit land kan zoveel beter, 2006). Femke Halsema van Groen- Links sprak haar afkeer uit over 'toenemende staatspaternalisme' en `bevoogdende staatsarrangementen' (Vrijheid als ideaal, 2005). In haar verkiezingsprogramma 'Echte keuzes voor de toekomst' wil GroenLinks de sociale verzorgingsstaat inruilen voor een participatiesamenleving, met individuele 'participatiecontracten'. De nieuwe PvdA-leider Job Cohen schuift in zijn verkiezingsprogramma 'Iedereen telt mee' op in onze richting, met hem lijken we te kunnen praten over aanpak van de tweedeling en opbouw van de sociale zekerheid. Maar ook Cohen laat de ouderen (verhoging AOW-leeftijd) en de jongeren (afschaffen studiebeurs) de crisis betalen.
De SP wil in tijden van economische onzekerheid de sociale zekerheid van mensen niet aantasten, maar juist vergroten. Niet de AOW-leeftijd verhogen, maar ouderen tot 65 jaar aan het werk helpen. Niet de ontslagbescherming verminderen, maar mensen aan het werk houden. Het geld van mensen moet veilig zijn, daarom gaan we onverantwoorde hypotheken verbieden en spaarbanken scheiden van zakenbanken die grote risico's nemen. Kleine ondernemers moeten kunnen rekenen op krediet, daarom maken we een nieuwe nationale investeringsbank. Mensen moeten met een gerust hart kunnen lenen, daarom controleren we alle nieuwe financiële producten. Met een nieuwe nationaliseringswet zorgen we dat de overheid eerder kan ingrijpen bij falende banken en verzekeraars.
Zekerheid heeft niet alleen te maken met geld. Mensen die maatschappelijke misstanden melden worden vaak onfatsoenlijk behandeld. Met een instituut en een fonds gaan we klokkenluiders bijstaan in hun strijd tegen werkgevers en overheid. Frauderende bestuurders geven we de zekerheid dat ze worden aangepakt. Asielzoekers geven we noodopvang en hulp om hun plek te vinden in de samenleving. Ex-gevangenen helpen we bij hun terugkeer in de samenleving. Ouders die dat nodig hebben helpen we bij de opvoeding van hun kinderen. Mensen met een handicap laten we met eenvoudige maatregelen volwaardig deelnemen aan de samenleving. Boeren beschermen we tegen oneerlijke concurrentie.
Mensen verplichten we om fatsoenlijk om te gaan met dieren.
De SP heeft de komende verkiezingscampagne een bijzondere positie. Politici van rechts zullen zeggen dat de economie bij ons in slechte handen is. Maar hoe geloofwaardig is dat uit de mond van mensen die onze economie op de rand van de afgrond hebben gebracht? Politici van links zullen zeggen dat we ouderwets blijven vasthouden aan de verzorgingsstaat. Maar hoe geloofwaardig is het om in tijden van crisis de sociale verworvenheden overboord te gooien? Ik vrees dat we de komende maanden in de politiek weinig bondgenoten zullen hebben. Maar verkiezingen gaan niet om de gunst van de bestuurders, maar om de gunst van de bevolking. De komende maanden moeten we de kiezers laten zien dat wij juist nu de zekerheid kunnen bieden die zij zo hard nodig hebben.
Tekst: Emile Roemer en Ronald van Raak (resp. voorzitter en secretaris van de commissie voor het SP-verkiezingsprogramma) - overgenomen met toestemming van de redactie van «Spanning»
Klik hier voor eerdere artikelen in «Spanning». Een abonnement op «Spanning» kost € 12,00 per jaar voor SP-leden en € 25 voor niet-leden.
De SP laat zien dat we in tijden van economische crisis niet hoeven te bezuinigen op sociale zekerheid, maar mensen juist nu meer zekerheid moeten bieden.
In tijden van economische voorspoed riepen politici om het hardst dat we moesten bezuinigen. Op de publieke sector (voorzieningen konden we beter overlaten aan de markt) en op de sociale zekerheid (mensen moesten meer hun eigen verantwoordelijkheid nemen). Alleen door te bezuinigen konden we ons voorbereiden op slechte tijden. Nu zijn die slechte tijden aangebroken. Bankiers hebben ons spaargeld vergokt. Bestuurders hebben onze publieke voorzieningen verkocht. En politici hebben het allemaal laten gebeuren. Maar opnieuw klinkt dezelfde roep, om meer marktwerking in de publieke sector en minder regelingen voor sociale zekerheid. Of het met de economie nu goed gaat of slecht, het lijkt wel of we altijd moeten bezuinigen.
Sociale zekerheid is geen overbodige luxe waar je ongestraft op kunt bezuinigen. Juist in tijden van economische crisis moet de overheid mensen zekerheid bieden. Het is ongeloofwaardig dat politici die tientallen miljarden euro hebben uitgegeven om commerciële banken te redden, nu niet in staat zouden zijn om werklozen, zieken en ouderen bij te staan. Het is pervers dat bankiers elkaar weer hogere bonussen geven dan ooit, bestuurders zichzelf tonnen aan vergoedingen toekennen en politici weigeren hun riante vergoedingen te verlagen. Het is nog erger dat ondertussen medewerkers van de thuiszorg niet kunnen rondkomen, postbodes voortaan per stukgoed worden betaald en schoonmakers weken moeten staken voor een paar dubbeltjes extra.
Een beter Nederland voor minder geld. Dat is de beste samenvatting van ons verkiezingsprogramma. De SP wil de komende vier jaar voor 14 miljard euro bezuinigen op overbodige uitgaven en voor 6 miljard euro de lasten verhogen voor de mensen die dat het beste kunnen betalen. Daarnaast willen we 10 miljard euro investeren. In zorg en onderwijs, veiligheid en sociale zekerheid. Daarmee verlagen we het begrotingstekort van 6,3 procent in 2010 tot 1,25 procent in 2015. Met ons programma bieden.we drie keer zekerheid. De mensen die de afgelopen jaren het meest hebben geprofiteerd, laten we het eerst en het meest betalen. De overheid gaat niet bezuinigen, maar verantwoordelijkheid nemen voor onze publieke voorzieningen. In plaats van korten gaan we investeren in mensen die onze hulp nodig hebben.
ZEKERHEID 1: WE GAAN DE REKENING EERLIJK VERDELEN
Bijna alle politieke partijen - van VVD tot GroenLinks - leggen de rekening van de crisis bij de slachtoffers. Bij de ouderen (verhoging van de AOW-leeftijd) en de werklozen (beperking
van de WW). Onder de ideologische noemer van 'moderniseren', 'flexibiliseren' en 'participeren' worden sociale verworvenheden die we in de vorige eeuw na veel sociale strijd hebben opgebouwd, zonder omkijken weer afgebroken. Maar wanneer 'moderniseren' we onze economie? Waar blijven de maatregelen om te voorkomen dat we onszelf in een nieuwe crisis storten? Wanneer 'flexibiliseren' we de topinkomens? Waarom kunnen die alleen maar omhoog, maar niet omlaag? Wanneer gaan de rijken weer 'participeren'? En meer evenredig meebetalen aan onze samenleving?
De SP laat de mensen die de afgelopen jaren het meest hebben geprofiteerd nu het meest betalen. Na jaren van belastingverlagingen kunnen we van de mensen aan de top best wat meer vragen. In de inkomstenbelasting is het toptarief de afgelopen tijd verlaagd van 72 procent naar 52 procent. Wij willen een nieuw toptarief invoeren van 65 procent voor het bedrag dat mensen boven de 150.000 euro verdienen. Ook bedrijven vragen we een extra bijdrage te leveren. De winstbelasting (vennootschapsbelasting) is de afgelopen jaren verlaagd van 48 procent naar 25,5 procent. Die verhogen we naar 30 procent. De banken die miljarden belastinggeld hebben gekregen maken alweer winsten. Via een bankenheffing moeten ze een deel van de schade die ze hebben aangericht terugbetalen.
Bezuinigen kan ook door rijken minder te subsidiëren. De hypotheekrenteaftrek kost elk jaar ongeveer 12 miljard euro. Het meeste geld gaat naar de mensen met de duurste woningen, omdat die het meeste kunnen aftrekken. Voor iedereen met een hypotheekschuld tot 350.000 euro gaan we de hypotheekrenteaftrek garanderen. Daarboven gaan we de aftrek beperken. Politici moeten ook laten zien dat ze zelf de broekriem kunnen aanhalen. We beperken de topinkomens in de (semi)publieke sector. Niemand mag hier meer verdienen dan de minister-president. Ook maken we een einde aan de bijzondere sociale voorzieningen voor politici. In plaats van de royale wachtgeldregelingen brengen we oud-politici gewoon onder bij de WW, de ziektewet en de arbeidsongeschiktheidswet.
ZEKERHEID 2: WE GAAN INVESTEREN IN DE PUBLIEKE SECTOR
De SP heeft de afgelopen jaren onderzoek gedaan onder tienduizenden onderwijzers en politieagenten en medewerkers van zorg- en welzijnsinstellingen. En overal hoorden we hetzelfde verhaal. In de publieke sector zijn meer managers gekomen en dat heeft geleid tot meer bureaucratie. Medewerkers worden vaker gecontroleerd, maar hebben ondertussen minder mogelijkheden om hun werk goed te doen. Veel publieke instellingen zijn vervreemd van hun publieke taak. Woningcorporaties worden niet meer afgerekend op de huizen die ze bouwen, maar op de winst die ze maken. Veel publieke diensten zijn verzelfstandigd, zoals het spoorvervoer, of verkocht, zoals de busbedrijven. Onze grote energiebedrijven zijn zelfs verkocht aan buitenlandse overheidsbedrijven.
De SP wil de overheid weer verantwoordelijk maken voor dat wat van ons allemaal is. We investeren fors in het onderwijs, waar we de bemoeienis van managers verkleinen en de zeggenschap van leraren vergroten. In plaats van te bezuinigen, investeren we in de politie, in extra agenten en kleinschalige politieposten. We beperken de marktwerking in de zorg, met een inkomensafhankelijke zorgverzekering, minder bureaucratie en kleinschalige zorginstellingen. De verplichte aanbesteding van het openbaar vervoer verdwijnt en overheden kunnen weer eigen vervoersbedrijven beginnen. Gemeenten gaan samen met corporaties plannen maken voor een betere volkshuisvesting. Het rijk neemt de verantwoordelijkheid voor een duurzame energievoorziening.
Verantwoordelijkheid nemen betekent dat je problemen niet afschuift op anderen. Decennialang hebben politici toegekeken hoe de tegenstellingen in de samenleving toenamen. Hoe witte en zwarte scholen en buurten ontstonden. Politici kunnen hier niet volstaan met een beroep op eigen verantwoordelijkheid. Door te zeggen: migranten moeten zich aanpassen of wegwezen. De overheid moet mensen de mogelijkheden bieden om te integreren. Gemeenten nemen samen met scholen de verantwoordelijkheid voor gemengde scholen. Het rijk neemt samen met de corporaties de verantwoordelijkheid voor gemengde wijken. De arbeidsmarkt gaan we reguleren, zodat werknemers niet worden weggeconcurreerd en arbeidsmigranten niet worden uitgebuit.\
ZEKERHEID 3: WE GAAN MENSEN BETER BESCHERMEN
Ideologie maakt soms blind. Het neoliberalisme heeft politici van rechts tot links de ogen doen sluiten voor de werkelijkheid. De vroegere PvdA-leider Wouter Bos zei dat zijn partij te veel de Partij van de Gelijkheid was geworden en waarschuwde voor het 'paternalisme' van de overheid (Dit land kan zoveel beter, 2006). Femke Halsema van Groen- Links sprak haar afkeer uit over 'toenemende staatspaternalisme' en `bevoogdende staatsarrangementen' (Vrijheid als ideaal, 2005). In haar verkiezingsprogramma 'Echte keuzes voor de toekomst' wil GroenLinks de sociale verzorgingsstaat inruilen voor een participatiesamenleving, met individuele 'participatiecontracten'. De nieuwe PvdA-leider Job Cohen schuift in zijn verkiezingsprogramma 'Iedereen telt mee' op in onze richting, met hem lijken we te kunnen praten over aanpak van de tweedeling en opbouw van de sociale zekerheid. Maar ook Cohen laat de ouderen (verhoging AOW-leeftijd) en de jongeren (afschaffen studiebeurs) de crisis betalen.
De SP wil in tijden van economische onzekerheid de sociale zekerheid van mensen niet aantasten, maar juist vergroten. Niet de AOW-leeftijd verhogen, maar ouderen tot 65 jaar aan het werk helpen. Niet de ontslagbescherming verminderen, maar mensen aan het werk houden. Het geld van mensen moet veilig zijn, daarom gaan we onverantwoorde hypotheken verbieden en spaarbanken scheiden van zakenbanken die grote risico's nemen. Kleine ondernemers moeten kunnen rekenen op krediet, daarom maken we een nieuwe nationale investeringsbank. Mensen moeten met een gerust hart kunnen lenen, daarom controleren we alle nieuwe financiële producten. Met een nieuwe nationaliseringswet zorgen we dat de overheid eerder kan ingrijpen bij falende banken en verzekeraars.
Zekerheid heeft niet alleen te maken met geld. Mensen die maatschappelijke misstanden melden worden vaak onfatsoenlijk behandeld. Met een instituut en een fonds gaan we klokkenluiders bijstaan in hun strijd tegen werkgevers en overheid. Frauderende bestuurders geven we de zekerheid dat ze worden aangepakt. Asielzoekers geven we noodopvang en hulp om hun plek te vinden in de samenleving. Ex-gevangenen helpen we bij hun terugkeer in de samenleving. Ouders die dat nodig hebben helpen we bij de opvoeding van hun kinderen. Mensen met een handicap laten we met eenvoudige maatregelen volwaardig deelnemen aan de samenleving. Boeren beschermen we tegen oneerlijke concurrentie.
Mensen verplichten we om fatsoenlijk om te gaan met dieren.
De SP heeft de komende verkiezingscampagne een bijzondere positie. Politici van rechts zullen zeggen dat de economie bij ons in slechte handen is. Maar hoe geloofwaardig is dat uit de mond van mensen die onze economie op de rand van de afgrond hebben gebracht? Politici van links zullen zeggen dat we ouderwets blijven vasthouden aan de verzorgingsstaat. Maar hoe geloofwaardig is het om in tijden van crisis de sociale verworvenheden overboord te gooien? Ik vrees dat we de komende maanden in de politiek weinig bondgenoten zullen hebben. Maar verkiezingen gaan niet om de gunst van de bestuurders, maar om de gunst van de bevolking. De komende maanden moeten we de kiezers laten zien dat wij juist nu de zekerheid kunnen bieden die zij zo hard nodig hebben.
Tekst: Emile Roemer en Ronald van Raak (resp. voorzitter en secretaris van de commissie voor het SP-verkiezingsprogramma) - overgenomen met toestemming van de redactie van «Spanning»
Klik hier voor eerdere artikelen in «Spanning». Een abonnement op «Spanning» kost € 12,00 per jaar voor SP-leden en € 25 voor niet-leden.
vrijdag 16 april 2010
Prostitué(e) of beroepsmoordenaar?
Minister Hirsch Ballin heeft een wetsvoorstel ingediend, waarmee hij beoogt de leeftijd waarop iemand "prostituee" mag worden (als rechtgeaard christenfundamentalist gaat hij er kennelijk van uit dat alleen vrouwen zich [laten] prostitueren!) te verhogen van 18 naar 21 jaar. Dan kunnen ze namelijk 'meer weloverwogen voor hun beroep kiezen'. (De Pers, vandaag)
Het Nederlandse ministerie van oorlog vindt het kennelijk minder belangrijk dat iemand er weloverwogen voor kiest om beroepsmoordenaar te worden, want daar heeft men al plaats voor jongeren vanaf de leeftijd van 17 jaar...
Kennelijk is het voor Hirsch Ballin niet zo belangrijk om er weloverwogen voor te kiezen om anderen te vermoorden, dan om de kost te verdienen met betaalde sex... Waarschijnlijk zijn daarom sommige alleluya's zelfs bereid mensen te vermoorden om te voorkomen dat deze meewerken aan een abortus (in christenfundamentalische termen "het beëindigen van een ongeboren leven").
Toch had ik altijd de indruk dat het grote sprookjesboek van de christenen het doden van anderen ernstiger vindt dan prostitutie...
Het Nederlandse ministerie van oorlog vindt het kennelijk minder belangrijk dat iemand er weloverwogen voor kiest om beroepsmoordenaar te worden, want daar heeft men al plaats voor jongeren vanaf de leeftijd van 17 jaar...Kennelijk is het voor Hirsch Ballin niet zo belangrijk om er weloverwogen voor te kiezen om anderen te vermoorden, dan om de kost te verdienen met betaalde sex... Waarschijnlijk zijn daarom sommige alleluya's zelfs bereid mensen te vermoorden om te voorkomen dat deze meewerken aan een abortus (in christenfundamentalische termen "het beëindigen van een ongeboren leven").
Toch had ik altijd de indruk dat het grote sprookjesboek van de christenen het doden van anderen ernstiger vindt dan prostitutie...
zondag 4 april 2010
Verwachten ze werkelijk dat dit de oplossing is?
Ter gelegenheid van de vandaag gevierde Aberri Eguna (Dag van het [Baskische] Vaderland) heeft Iñigo Urkullu, de voorzitter van de PNV [Nationale Baskische Partij], in een verklaring aan de radicale abertzales (nationalistische Basken) voorgesteld om de Baskische onafhankelijkheidsbeweging ETA te vragen "om te verdwijnen of definitief afstand te nemen van het geweld". (Vanguardia, vandaag).
Zijn die lui van de PNV werkelijk zo simpel dat ze denken dat dit de oplossing is? Het zal toch niet zo zijn dat ze er een geheime agenda op na houden, hoop ik. Iedereen die niet volledig geïsoleerd leeft van de wereld, heeft volop mogelijkheden gehad om te begrijpen dat het niet nodig is om lid te zijn van ETA om problemen te krijgen met de centralistische politiek van Madrid, die sinds kort met extra kracht in Baskenland wordt toegepast dankzij het pact tussen de (zichzelf 'socialistisch' noemende) PSE en de post-fascistische Partido Popular. Talloze mensen zijn gearresteerd of lastiggevallen, veel Baskische organisaties en politieke partijen zijn verboden, alleen vanwege een vage (gesuggereerde) band met ETA.
Zolang als het Madrileense régime, of dat nu geleid wordt door de PSOE of door de PP (eerlijk gezegd zou ik niet kunnen zeggen welke van de twee partijen het meest conservatief is), zijn beleid niet aanpast en in Baskenland voortaan de Mensenrechten en de elementaire vrijheden respecteert, kost het me erg veel moeite te geloven dat de oplossing af zou kunnen hangen van het verdwijnen van ETA...
Zijn die lui van de PNV werkelijk zo simpel dat ze denken dat dit de oplossing is? Het zal toch niet zo zijn dat ze er een geheime agenda op na houden, hoop ik. Iedereen die niet volledig geïsoleerd leeft van de wereld, heeft volop mogelijkheden gehad om te begrijpen dat het niet nodig is om lid te zijn van ETA om problemen te krijgen met de centralistische politiek van Madrid, die sinds kort met extra kracht in Baskenland wordt toegepast dankzij het pact tussen de (zichzelf 'socialistisch' noemende) PSE en de post-fascistische Partido Popular. Talloze mensen zijn gearresteerd of lastiggevallen, veel Baskische organisaties en politieke partijen zijn verboden, alleen vanwege een vage (gesuggereerde) band met ETA.
Zolang als het Madrileense régime, of dat nu geleid wordt door de PSOE of door de PP (eerlijk gezegd zou ik niet kunnen zeggen welke van de twee partijen het meest conservatief is), zijn beleid niet aanpast en in Baskenland voortaan de Mensenrechten en de elementaire vrijheden respecteert, kost het me erg veel moeite te geloven dat de oplossing af zou kunnen hangen van het verdwijnen van ETA...
maandag 29 maart 2010
Hoe zwaar telt het menselijk leven in de Nederlandse politiek?
Als ik afga op twee berichten die ik vandaag in NRC/Handelsblad aantrof niet zo heel veel.
In het ene bericht wordt, aan de hand van het concept-verkiezingsprogramma van het CDA, aangestipt dat het CDA -als die christenfundamentalistische club tenminste na de verkiezingen iets te zeggen krijgt- vooral wil bezuinigen op het vlak van de sociale zekerheid, de zorg en de overheid zelf. Daarentegen wil het CDA niets doen aan de hypotheekrenteaftrek, die andere partijen (zoals SP, GroenLinks, D66 en PvdA) wel in meerdere of mindere mate aan willen pakken. Daarentegen wil de partij wel lastenverlichting [waarvan vooral het bedrijfsleven zal profiteren]. (NRC/Handelsblad, 29 maart 2010). De partij wil dus vooral doorgaan op de neoliberale tour van de laatste 15 jaar: verslechtering van de voorzieningen voor de werknemers en begunstiging van de kapitalisten.
Maar het kan nog erger: volgens de demissionaire ministers van oorlog, Van Middelkoop, en van buitenlandse zaken, Verhagen (resp. van de christenfundamentalische partijen ChristenUnie en CDA) mag er de komende jaren niet bezuinigd worden op het leger. Het zou nóg beter zijn als de begroting voor het leger verhoogd zou worden. (NRC/Handelsblad, 29 maart 2010)
Bij de christenfundamentalisten komt het er dus op neer dat er meer geld gestopt moet worden in de militaire moordmachine dan in de verzorging van de hulpbehoevende medemens.
Ik weet niet of het nog zin heeft om dit stelletje huichelachtige nep-christenen te herinneren aan wat er in hun heilige boek geschreven staat: "Voorwaar zeg ik u, voor zooveel gij dit één van deze mijne minste broeders gedaan hebt, zoo hebt gij dat mij gedaan." (Mattheüs, 25:40) En dan voor Middelkoop & Co. bovendien: "Want allen die het zwaard nemen, zullen door het zwaard vergaan." (Mattheüs, 26:52)
In het ene bericht wordt, aan de hand van het concept-verkiezingsprogramma van het CDA, aangestipt dat het CDA -als die christenfundamentalistische club tenminste na de verkiezingen iets te zeggen krijgt- vooral wil bezuinigen op het vlak van de sociale zekerheid, de zorg en de overheid zelf. Daarentegen wil het CDA niets doen aan de hypotheekrenteaftrek, die andere partijen (zoals SP, GroenLinks, D66 en PvdA) wel in meerdere of mindere mate aan willen pakken. Daarentegen wil de partij wel lastenverlichting [waarvan vooral het bedrijfsleven zal profiteren]. (NRC/Handelsblad, 29 maart 2010). De partij wil dus vooral doorgaan op de neoliberale tour van de laatste 15 jaar: verslechtering van de voorzieningen voor de werknemers en begunstiging van de kapitalisten.
Maar het kan nog erger: volgens de demissionaire ministers van oorlog, Van Middelkoop, en van buitenlandse zaken, Verhagen (resp. van de christenfundamentalische partijen ChristenUnie en CDA) mag er de komende jaren niet bezuinigd worden op het leger. Het zou nóg beter zijn als de begroting voor het leger verhoogd zou worden. (NRC/Handelsblad, 29 maart 2010)
Bij de christenfundamentalisten komt het er dus op neer dat er meer geld gestopt moet worden in de militaire moordmachine dan in de verzorging van de hulpbehoevende medemens.
Ik weet niet of het nog zin heeft om dit stelletje huichelachtige nep-christenen te herinneren aan wat er in hun heilige boek geschreven staat: "Voorwaar zeg ik u, voor zooveel gij dit één van deze mijne minste broeders gedaan hebt, zoo hebt gij dat mij gedaan." (Mattheüs, 25:40) En dan voor Middelkoop & Co. bovendien: "Want allen die het zwaard nemen, zullen door het zwaard vergaan." (Mattheüs, 26:52)
zondag 28 maart 2010
Wat wil Obama nou eigenlijk?
De afgelopen dagen kregen we de indruk dat er toch een beetje een frisse wind begon te waaien in Washington, althans ten opzichte van de Israelische vriendjes. Er waren wat harde woorden gevallen over de onophoudelijke diefstal van Palestijns grondgebied en Netanyahu was in Washington ook niet al te vriendelijk ontvangen door Obama (zie o.a. NRC/Handelsblad van 23 dezer).
Toch blijkt dat, terwijl Obama Netanyahu een foto-met-handdruk weigerde, het Pentagon en het Israelische leger een grote wapendeal aan het sluiten waren ter waarde van ongeveer 250 miljoen dollar. Daarnaast wordt er nog onderhandeld over de verkoop van Lockheed F35-gevechtsvliegtuigen (van meer dan 3 miljard dollar). (Haaretz, 25 maart 2010).
Toch blijkt dat, terwijl Obama Netanyahu een foto-met-handdruk weigerde, het Pentagon en het Israelische leger een grote wapendeal aan het sluiten waren ter waarde van ongeveer 250 miljoen dollar. Daarnaast wordt er nog onderhandeld over de verkoop van Lockheed F35-gevechtsvliegtuigen (van meer dan 3 miljard dollar). (Haaretz, 25 maart 2010).
Laatste voorbereidingen voor de VS-aanval op Iran?
Onlangs werd een zending van 387 bunker busters, die oorspronkelijk voor Israel bestemd was, op last van Obama doorgestuurd naar de Verenigdestaatse militaire basis op de Britse kolonie Diego Garcia. In 2008 hadden de Verenigde Staten een Israelisch verzoek om deze wapens goedgekeurd. Deze zouden bestemd zijn voor het vernietigen van ondergrondse voorzieningen, o.a. met betrekking tot Iraanse kernwapens. Sinds zijn aantreden heeft Obama geen belangrijke Israelische verzoeken om wapentuig meer goedgekeurd. (World Tribune, 18 maart 2010).
Al op 14 maart 2010 berichtte de Schotse Herald over deze wapenlevering (in totaal 10 munitie-containers met ook nog ander wapentuig). De krant meldt dat, volgens experts, deze worden geïnstalleerd voor een aanval op de controversiële Iraanse nucleaire faciliteiten. Binnen enkele uren zouden 10.000 doelen in Iran kunnen worden gebombardeerd.
Alain Mackinnon, voorzitter van de Schotse Campaign for Nuclear Disarmament: "Het is duidelijk dat de VS-regering de oorlogstrommels blijft roeren over Iran, het meest recent in de verklaringen van de minister van Buitenlandse Zaken, Hillary Clinton. Dit lijkt op deprimerende wijze op de rhetoriek die we vóór de oorlog in Irak in 2003 hoorden."
De VS-basis op Diego Garcia werd in 1991 en 2003 gebruikt voor aanvallen tegen Irak.
Al op 14 maart 2010 berichtte de Schotse Herald over deze wapenlevering (in totaal 10 munitie-containers met ook nog ander wapentuig). De krant meldt dat, volgens experts, deze worden geïnstalleerd voor een aanval op de controversiële Iraanse nucleaire faciliteiten. Binnen enkele uren zouden 10.000 doelen in Iran kunnen worden gebombardeerd.
Alain Mackinnon, voorzitter van de Schotse Campaign for Nuclear Disarmament: "Het is duidelijk dat de VS-regering de oorlogstrommels blijft roeren over Iran, het meest recent in de verklaringen van de minister van Buitenlandse Zaken, Hillary Clinton. Dit lijkt op deprimerende wijze op de rhetoriek die we vóór de oorlog in Irak in 2003 hoorden."
De VS-basis op Diego Garcia werd in 1991 en 2003 gebruikt voor aanvallen tegen Irak.
Bologna: pizza voor iedereen? (door Efrén Areskurriega y Juan Hernández*)
Het zijn de belangen van de heersende elites die beogen zich te beschermen tegen het collectieve belang. Waar is het democratiserende potentieel van het universitaire onderwijs en zijn vermogen om de muren tussen de sociale klassen te doorbreken?
Het zogenaamde Bologna-proces nadert, ook al is het nog niet volledig gerealiseerd, zijn hypothetisch eindpunt. Nadat in zijn naam gedurende een decennium hervormingen zijn ingevoerd in de structuur van het hoger onderwijs, is nu het moment aangebroken om het in werking te doen treden. Dit Bologna-proces, dat formeel niet in het kader van de EU verloopt en dat vrijwillig is, heeft een nauwe band met het neoliberale model in Europa. De commercialisering en het concurrentievermogen vormen de achtergrond waartegen het Bologna-proces gebouwd is, dat een verdere schakel is in een Europees project dat meer dan ooit op de markt gericht is. Toch variëren de hierboven beschreven trends in intensiteit, afhankelijk van de landen en universiteiten.
Bovendien begint het idee, dat in principe neutraal is, voor het homologeren van titels en voor het bevorderen van de mobiliteit van studenten in de Europese Unie, aan kracht in te boeten en wordt het vervangen door het idee van het ondergeschikt maken van het universitaire onderwijs aan de behoeften van de markt en van het kapitaal. Daarom wordt niet voorzien in de noodzakelijke verhoging van de overheidsuitgaven; integendeel, gepoogd wordt de privé financiëring te bevorderen en de academische kennis aan te passen aan de handelslogica en aan de privé winst.
Hoewel in een aantal Europese landen, zoals Denemarken, Finland en Zweden, het hoger onderwijs nog volledig gefinancierd wordt uit de publieke middelen, dringen de nieuwe door Bologna aangestuurde meningen aan op het verwerven van private middelen, het mæcenaat en de instelling van directe transacties met afnemers van de universitaire diensten. Op deze manier wordt het steeds noodzakelijker om het collegegeld te verhogen, hetgeen -wordt gezegd- gepaard gaat met een verhoging van de studiebeurzen; in de praktijk wordt echter gekozen voor de optie van leningen als alternatief voor de studiebeurzen. De openbaarmaking van het officiële 'master'-onderwijs, ter vervanging van de oude privé 'masters' en 'eigen titels', die we als positief zien, is vergezeld gegaan van de vaststelling van officiële collegegelden die bijna 2½ maal hoger zijn dan de huidige kosten voor studies in de eerste en tweede cyclus.
Het gevaar van dit door Bologna gepredikte systeem is dat het grootste deel van de middelen is geconcentreerd in een paar universiteiten, die beschouwd worden als meest concurrerend, zodat de rest niet zal kunnen beschikken over voldoende middelen om een goede opleiding te kunnen bieden. Daarom zijn het de belangen van de heersende elites, die beogen zich te beschermen tegen het collectieve belang. Waar is het democratiserende potentieel van het universitaire onderwijs en zijn vermogen om de muren tussen de sociale klassen te doorbreken? Wie moet andere projecten financieren die aansluiten bij de belangen van de sociale bewegingen? Wie moet zich, tegenover de grote multinationals, die al beschikken over hun business-scholen, bezighouden met het bestuderen van de behoeften van de sociale meerderheden?
Bij STEE-EILAS zijn wij van mening dat de publieke universiteiten hierin een fundamentele rol spelen, die niet kan worden overgenomen door de particuliere universiteiten, noch door een openbare universiteit, die geleid wordt door de criteria van de particuliere markt. Als dat niet gebeurt, betekent dit de terugkeer naar een achterhaald model, waarin het hoger onderwijs het terrein was van een kleine bevoorrechte minderheid. Willen we werkelijk terug naar dat model?
Wij zijn, kortom, van mening dat de openbare universiteit behoefte heeft aan een verandering, een ingrijpende verandering waarop wij inzetten, maar niet in de door de Europese regeringen voorgestelde richting. Integendeel, wij pleiten voor een wijziging ter versterking van het criterium van de openbare dienst en het democratisch karakter van de universiteit. We willen een universiteit die openstaat voor de wereld en die zich inzet voor haar samenleving, in ons geval de Baskische, en vooral met de behoeften van de minst bevoorrechte groepen, voor het overwinnen van de ongelijkheid, om zo een duurzame menselijke ontwikkeling te bereiken.
Met of zonder Bologna, zullen we in de toekomst steeds geconfronteerd blijven worden met het liberale universiteitsmodel dat hegemonisch aan het worden is - en dat ook sterk aanwezig is in de recente strategische documenten van de Europese autoriteiten, Bologna 2020 en Europa 2020 - om de tendens af te remmen die wil dat de universiteit verandert in een zuiver productivistische universiteit ten dienste van de markt en de arbeidsuitbuiting; zodat we ook verder kunnen gaan in de richting van een sociaal universiteitsmodel ten dienste van de maatschappelijke behoeften en ten dienste van de reflectie, het debat en de creativiteit om zo een antwoord te vinden op de onbalans en de conflicten in onze samenleving.
Gepubliceerd in Gara op 22 dezer; vertaald uit het Spaans door Dwarslezer.
* Efrén Areskurriaga en Juan Hernández zijn lid van het Nationaal Secretariaat van STEE-EILAS
Het zogenaamde Bologna-proces nadert, ook al is het nog niet volledig gerealiseerd, zijn hypothetisch eindpunt. Nadat in zijn naam gedurende een decennium hervormingen zijn ingevoerd in de structuur van het hoger onderwijs, is nu het moment aangebroken om het in werking te doen treden. Dit Bologna-proces, dat formeel niet in het kader van de EU verloopt en dat vrijwillig is, heeft een nauwe band met het neoliberale model in Europa. De commercialisering en het concurrentievermogen vormen de achtergrond waartegen het Bologna-proces gebouwd is, dat een verdere schakel is in een Europees project dat meer dan ooit op de markt gericht is. Toch variëren de hierboven beschreven trends in intensiteit, afhankelijk van de landen en universiteiten.
Bovendien begint het idee, dat in principe neutraal is, voor het homologeren van titels en voor het bevorderen van de mobiliteit van studenten in de Europese Unie, aan kracht in te boeten en wordt het vervangen door het idee van het ondergeschikt maken van het universitaire onderwijs aan de behoeften van de markt en van het kapitaal. Daarom wordt niet voorzien in de noodzakelijke verhoging van de overheidsuitgaven; integendeel, gepoogd wordt de privé financiëring te bevorderen en de academische kennis aan te passen aan de handelslogica en aan de privé winst.
Hoewel in een aantal Europese landen, zoals Denemarken, Finland en Zweden, het hoger onderwijs nog volledig gefinancierd wordt uit de publieke middelen, dringen de nieuwe door Bologna aangestuurde meningen aan op het verwerven van private middelen, het mæcenaat en de instelling van directe transacties met afnemers van de universitaire diensten. Op deze manier wordt het steeds noodzakelijker om het collegegeld te verhogen, hetgeen -wordt gezegd- gepaard gaat met een verhoging van de studiebeurzen; in de praktijk wordt echter gekozen voor de optie van leningen als alternatief voor de studiebeurzen. De openbaarmaking van het officiële 'master'-onderwijs, ter vervanging van de oude privé 'masters' en 'eigen titels', die we als positief zien, is vergezeld gegaan van de vaststelling van officiële collegegelden die bijna 2½ maal hoger zijn dan de huidige kosten voor studies in de eerste en tweede cyclus.
Het gevaar van dit door Bologna gepredikte systeem is dat het grootste deel van de middelen is geconcentreerd in een paar universiteiten, die beschouwd worden als meest concurrerend, zodat de rest niet zal kunnen beschikken over voldoende middelen om een goede opleiding te kunnen bieden. Daarom zijn het de belangen van de heersende elites, die beogen zich te beschermen tegen het collectieve belang. Waar is het democratiserende potentieel van het universitaire onderwijs en zijn vermogen om de muren tussen de sociale klassen te doorbreken? Wie moet andere projecten financieren die aansluiten bij de belangen van de sociale bewegingen? Wie moet zich, tegenover de grote multinationals, die al beschikken over hun business-scholen, bezighouden met het bestuderen van de behoeften van de sociale meerderheden?
Bij STEE-EILAS zijn wij van mening dat de publieke universiteiten hierin een fundamentele rol spelen, die niet kan worden overgenomen door de particuliere universiteiten, noch door een openbare universiteit, die geleid wordt door de criteria van de particuliere markt. Als dat niet gebeurt, betekent dit de terugkeer naar een achterhaald model, waarin het hoger onderwijs het terrein was van een kleine bevoorrechte minderheid. Willen we werkelijk terug naar dat model?
Wij zijn, kortom, van mening dat de openbare universiteit behoefte heeft aan een verandering, een ingrijpende verandering waarop wij inzetten, maar niet in de door de Europese regeringen voorgestelde richting. Integendeel, wij pleiten voor een wijziging ter versterking van het criterium van de openbare dienst en het democratisch karakter van de universiteit. We willen een universiteit die openstaat voor de wereld en die zich inzet voor haar samenleving, in ons geval de Baskische, en vooral met de behoeften van de minst bevoorrechte groepen, voor het overwinnen van de ongelijkheid, om zo een duurzame menselijke ontwikkeling te bereiken.
Met of zonder Bologna, zullen we in de toekomst steeds geconfronteerd blijven worden met het liberale universiteitsmodel dat hegemonisch aan het worden is - en dat ook sterk aanwezig is in de recente strategische documenten van de Europese autoriteiten, Bologna 2020 en Europa 2020 - om de tendens af te remmen die wil dat de universiteit verandert in een zuiver productivistische universiteit ten dienste van de markt en de arbeidsuitbuiting; zodat we ook verder kunnen gaan in de richting van een sociaal universiteitsmodel ten dienste van de maatschappelijke behoeften en ten dienste van de reflectie, het debat en de creativiteit om zo een antwoord te vinden op de onbalans en de conflicten in onze samenleving.
Gepubliceerd in Gara op 22 dezer; vertaald uit het Spaans door Dwarslezer.
* Efrén Areskurriaga en Juan Hernández zijn lid van het Nationaal Secretariaat van STEE-EILAS
zaterdag 27 maart 2010
Ierse ziekte of Vaticaanse misdaad? (door Óscar Ugarteche)
In een verontwaardiging wekkende brief van paus Benedictus XIV aan de Ieren, die op zondag 14 maart 2010 in de kerken in Europa is voorgelezen, verwijst hij naar de gevallen van kindermisbruik en andere misstanden, die jegens tienduizenden kinderen in het genoemde land gepleegd zijn door priesters en nonnen, en daarmee isoleert hij hetgeen daar gebeurd is.
Deze brief komt een jaar na het eindverslag van de in 2006 opgezette Commissie over kindermisbruik. Het Ierse rapport van 2600 pagina's is in aanmerking genomen, maar niet al hetgene wat bekend is over de schokkende zaak Maciel in Mexico, noch de gevallen in Duitsland en nog minder in de Verenigde Staten. Is het soms zo dat voor Ratzinger de niet-Europese katholieken niet relevant zijn, ook al vormen zij de grote massa van gelovigen? Religieus racisme of gewoon kolonialisme met de logica van ondergeschiktheid van "die verdienen geen uitleg"? In de brief behandelt hij de verkrachters met zijden handschoenen, gul en edelmoedig. Hij straft hen niet en gooit hen niet uit de kerk. De paus schreef, anderzijds, in 2003 over het homohuwelijk: "Zij die van de verdraagzaamheid overgegaan zijn naar de legitimering van specifieke rechten voor homosexuelen om samen te wonen moeten bedenken dat goedkeuring of legalisering van het kwaad veel verschilt van het tolereren van het kwaad." Benedictus XVI geeft de voorkeur aan kinderverkrachters boven volwassenen die beiden instemmen met wat ze doen. Tegen de eersten zegt hij: "Ik moedig u aan om uw geweten te onderzoeken, de verantwoordelijkheid te nemen voor de door u begane zonden, en nederig uw verdriet te uiten. Oprecht berouw opent de deur naar Gods vergeving en de genade van de ware goedmaking. Door gebeden en boetedoeningen aan te bieden voor hen die door u beschadigd zijn, zou u persoonlijk moeten proberen te boeten voor uw daden persoonlijk. Het verlossende offer van Christus heeft de macht om zelfs de zwaarste van de zonden te vergeven, en het goede tevoorschijn te brengen uit zelfs het ergste kwaad."
Voor de paus en de katholieke kerk is wat twee volwassenen in goed overleg en onderlinge afspraak doen met hun liefdes- en sexleven een kwaad zonder burgerrechten, maar wat een volwassene een kind aandoet vereist berouw en vergeving en niet de toepassing van het strafrecht of excommunicatie. Na de brief aan de Ieren heeft de katholieke kerk nu een nog ernstiger probleem van geloofwaardigheid.
Intussen zijn de gevallen in Duitsland en ook in Nederland steeds meer in de openbaarheid gekomen. De eerste beschuldigingen van kindermisbruik door religieuzen die tot hun uiterste consequenties zijn vervolgd, vonden plaats in de Verenigde Staten. Tengevolge daarvan is in 1990 SNAP opgericht, het 'Netwerk van door priesters misbruikten' (Survivors Network of those Abused by Priests). De tegen de kerk opgestarte procedures wegens het afdekken van deze misdaden, samen met de rechtszaken tegen de nog in leven zijnde verkrachtende priesters hebben de bisschoppenconferentie van de katholieke kerk in de Verenigde Staten genoodzaakt een rapport aan een commisie te sturen. Dit rapport is getiteld The Nature and Scope of the Problem of Sexual Abuse of Minors by Catholic Priests and Deacons in the United States ('De aard en omvang van het probleem van sexueel misbruik van minderjarigen door katholieke priesters en diakens in de Verenigde Staten.
Opvallend is dat er niet veel beschuldigingen geuit zijn in de Latijnse landen Spanje, Frankrijk, Italië, Portugal, noch in Latijns-Amerika. Alleen de schandalige zaak van het monster Marcial Maciel, libertijn, stichter van de Legionarios de Cristo ('Legionairs van Christus') en verkrachter van zijn eigen kinderen, heeft de publieke opinie geschokt. De in Brazilië en Chili onlangs opgedoken geïsoleerde gevallen zijn door de massamedia stilgezwegen, net zoals eerder de gevallen in de Verenigde Staten, Ierland, Duitsland en Nederland stilgehouden werden. De grote media geven geen ruimte aan dit schandaal dat verder gaat dan de Angelsaksische landen waar het nu geconcentreerd is. Het zijn gevallen die duidelijk maken waar de katholieke kerk de nadruk legt ten opzichte van de sex en van het resultaat van die nadruk voor hen die opgevoed zijn om deze visie af te dwingen. Het schuldgevoel en de onderdrukking kweken sexuele monsters.
De gelofte van stilzwijgen is de manier waarop de kerkelijke hiërarchie tegen dit misdrijf is opgetreden. De verkrachting van kinderen is echter niet alleen een strafbaar feit van de kant van religieuzen, maar creëert ook een wezenlijk ethisch probleem. Het gaat uiteindelijk om mensen die het morele geweten vormen, die onderrichten over wat goed en slecht is. Het zijn homofoben door religieuze overtuiging, die sex als pervers en niet op voortplanting gerichte liefdesrelaties als zondig zien, en die toch kinderen misbruiken en dat afdekken met de gelofte van stilzwijgen en nog liever met nieuwe wetten die verhinderen dat deze gevallen in de toekomst strafrechtelijk openbaar gemaakt worden, alsof ze niet het minste belang hebben. Degenen die onderrichten over de zonde des vlezes, zijn nu ineens zomaar degenen die weerloze kinderen sexueel geweld aandoen.
Het netwerk van de in de Verenigde Staten verkrachten wordt 'netwerk van overlevenden' genoemd, omdat voor het kind of de adolescent, dat/die niet zeker is van zijn wensen, de schending door de persoon die het/hij vertrouwt hem de minimale steun ontneemt die het/hij nodig heeft om zijn leven voort te zetten. De persoon voor wie het/hij zijn ziel opent, waardoor het/hij volmaakt kwetsbaar wordt, maakt uiteindelijk misbruik van hem en vernietigt hem. In die situatie kan dat kind niet langer op iemand vertrouwen en blijft hem als uitweg vaak alleen nog maar zelfmoord of waanzin over. Daarover wordt nog niet gesproken, maar het is een aan het vorige gekoppeld onderwerp. Het is een onderdeel van wat er gebeurt met degenen die verkracht zijn, dat ze door schuldgevoel of schaamte niet in staat zijn hun eigen ouders te vertellen, waardoor ze zich terugtrekken in een verstikkend schuldbewust stilzwijgen. De eersten die deze monsterlijke feiten meldden waren twee mannen boven de zestig. Dat was de tijd die ze nodig hadden om de stap te nemen om te spreken over gebeurtenissen die vijftig jaar eerder plaatsvonden.
De verontschuldigingen van de paus aan de Ieren zijn bespottelijk. De paus moet nu meteen zijn verontschuldigingen aanbieden aan alle gelovigen en het probleem niet verbergen of het beperken tot één land. Het argument van de Mexicaanse bisschoppenconferentie dat er minder gevallen van kindermisbruik zijn in de kerk dan in het leger is niet alleen banaal, maar immoreel. Wanneer degene die de wet maakt die overtreedt, wanneer degene die de moraal bewaakt weerlozen misbruikt, gaat het probleem niet over kwantiteit, maar over essenties. Dat is waaraan de kerk in Rome het hoofd te bieden heeft. De Latijns-Amerikaanse media moeten nu een eind maken aan de gelofte van stilzwijgen, die niets anders is dan medeplichtigheid. De plaats voor het melden van deze misdaden is de politie, ongeacht het aantal verstreken jaren, en dat moet iedereen overal weten.
Mexico-stad, 20 maart 2010
Op 22 maart 2010 gepubliceerd door ALAInet. Vertaald uit het Spaans door Dwarslezer.
Deze brief komt een jaar na het eindverslag van de in 2006 opgezette Commissie over kindermisbruik. Het Ierse rapport van 2600 pagina's is in aanmerking genomen, maar niet al hetgene wat bekend is over de schokkende zaak Maciel in Mexico, noch de gevallen in Duitsland en nog minder in de Verenigde Staten. Is het soms zo dat voor Ratzinger de niet-Europese katholieken niet relevant zijn, ook al vormen zij de grote massa van gelovigen? Religieus racisme of gewoon kolonialisme met de logica van ondergeschiktheid van "die verdienen geen uitleg"? In de brief behandelt hij de verkrachters met zijden handschoenen, gul en edelmoedig. Hij straft hen niet en gooit hen niet uit de kerk. De paus schreef, anderzijds, in 2003 over het homohuwelijk: "Zij die van de verdraagzaamheid overgegaan zijn naar de legitimering van specifieke rechten voor homosexuelen om samen te wonen moeten bedenken dat goedkeuring of legalisering van het kwaad veel verschilt van het tolereren van het kwaad." Benedictus XVI geeft de voorkeur aan kinderverkrachters boven volwassenen die beiden instemmen met wat ze doen. Tegen de eersten zegt hij: "Ik moedig u aan om uw geweten te onderzoeken, de verantwoordelijkheid te nemen voor de door u begane zonden, en nederig uw verdriet te uiten. Oprecht berouw opent de deur naar Gods vergeving en de genade van de ware goedmaking. Door gebeden en boetedoeningen aan te bieden voor hen die door u beschadigd zijn, zou u persoonlijk moeten proberen te boeten voor uw daden persoonlijk. Het verlossende offer van Christus heeft de macht om zelfs de zwaarste van de zonden te vergeven, en het goede tevoorschijn te brengen uit zelfs het ergste kwaad."
Voor de paus en de katholieke kerk is wat twee volwassenen in goed overleg en onderlinge afspraak doen met hun liefdes- en sexleven een kwaad zonder burgerrechten, maar wat een volwassene een kind aandoet vereist berouw en vergeving en niet de toepassing van het strafrecht of excommunicatie. Na de brief aan de Ieren heeft de katholieke kerk nu een nog ernstiger probleem van geloofwaardigheid.
Intussen zijn de gevallen in Duitsland en ook in Nederland steeds meer in de openbaarheid gekomen. De eerste beschuldigingen van kindermisbruik door religieuzen die tot hun uiterste consequenties zijn vervolgd, vonden plaats in de Verenigde Staten. Tengevolge daarvan is in 1990 SNAP opgericht, het 'Netwerk van door priesters misbruikten' (Survivors Network of those Abused by Priests). De tegen de kerk opgestarte procedures wegens het afdekken van deze misdaden, samen met de rechtszaken tegen de nog in leven zijnde verkrachtende priesters hebben de bisschoppenconferentie van de katholieke kerk in de Verenigde Staten genoodzaakt een rapport aan een commisie te sturen. Dit rapport is getiteld The Nature and Scope of the Problem of Sexual Abuse of Minors by Catholic Priests and Deacons in the United States ('De aard en omvang van het probleem van sexueel misbruik van minderjarigen door katholieke priesters en diakens in de Verenigde Staten.
Opvallend is dat er niet veel beschuldigingen geuit zijn in de Latijnse landen Spanje, Frankrijk, Italië, Portugal, noch in Latijns-Amerika. Alleen de schandalige zaak van het monster Marcial Maciel, libertijn, stichter van de Legionarios de Cristo ('Legionairs van Christus') en verkrachter van zijn eigen kinderen, heeft de publieke opinie geschokt. De in Brazilië en Chili onlangs opgedoken geïsoleerde gevallen zijn door de massamedia stilgezwegen, net zoals eerder de gevallen in de Verenigde Staten, Ierland, Duitsland en Nederland stilgehouden werden. De grote media geven geen ruimte aan dit schandaal dat verder gaat dan de Angelsaksische landen waar het nu geconcentreerd is. Het zijn gevallen die duidelijk maken waar de katholieke kerk de nadruk legt ten opzichte van de sex en van het resultaat van die nadruk voor hen die opgevoed zijn om deze visie af te dwingen. Het schuldgevoel en de onderdrukking kweken sexuele monsters.
De gelofte van stilzwijgen is de manier waarop de kerkelijke hiërarchie tegen dit misdrijf is opgetreden. De verkrachting van kinderen is echter niet alleen een strafbaar feit van de kant van religieuzen, maar creëert ook een wezenlijk ethisch probleem. Het gaat uiteindelijk om mensen die het morele geweten vormen, die onderrichten over wat goed en slecht is. Het zijn homofoben door religieuze overtuiging, die sex als pervers en niet op voortplanting gerichte liefdesrelaties als zondig zien, en die toch kinderen misbruiken en dat afdekken met de gelofte van stilzwijgen en nog liever met nieuwe wetten die verhinderen dat deze gevallen in de toekomst strafrechtelijk openbaar gemaakt worden, alsof ze niet het minste belang hebben. Degenen die onderrichten over de zonde des vlezes, zijn nu ineens zomaar degenen die weerloze kinderen sexueel geweld aandoen.
Het netwerk van de in de Verenigde Staten verkrachten wordt 'netwerk van overlevenden' genoemd, omdat voor het kind of de adolescent, dat/die niet zeker is van zijn wensen, de schending door de persoon die het/hij vertrouwt hem de minimale steun ontneemt die het/hij nodig heeft om zijn leven voort te zetten. De persoon voor wie het/hij zijn ziel opent, waardoor het/hij volmaakt kwetsbaar wordt, maakt uiteindelijk misbruik van hem en vernietigt hem. In die situatie kan dat kind niet langer op iemand vertrouwen en blijft hem als uitweg vaak alleen nog maar zelfmoord of waanzin over. Daarover wordt nog niet gesproken, maar het is een aan het vorige gekoppeld onderwerp. Het is een onderdeel van wat er gebeurt met degenen die verkracht zijn, dat ze door schuldgevoel of schaamte niet in staat zijn hun eigen ouders te vertellen, waardoor ze zich terugtrekken in een verstikkend schuldbewust stilzwijgen. De eersten die deze monsterlijke feiten meldden waren twee mannen boven de zestig. Dat was de tijd die ze nodig hadden om de stap te nemen om te spreken over gebeurtenissen die vijftig jaar eerder plaatsvonden.
De verontschuldigingen van de paus aan de Ieren zijn bespottelijk. De paus moet nu meteen zijn verontschuldigingen aanbieden aan alle gelovigen en het probleem niet verbergen of het beperken tot één land. Het argument van de Mexicaanse bisschoppenconferentie dat er minder gevallen van kindermisbruik zijn in de kerk dan in het leger is niet alleen banaal, maar immoreel. Wanneer degene die de wet maakt die overtreedt, wanneer degene die de moraal bewaakt weerlozen misbruikt, gaat het probleem niet over kwantiteit, maar over essenties. Dat is waaraan de kerk in Rome het hoofd te bieden heeft. De Latijns-Amerikaanse media moeten nu een eind maken aan de gelofte van stilzwijgen, die niets anders is dan medeplichtigheid. De plaats voor het melden van deze misdaden is de politie, ongeacht het aantal verstreken jaren, en dat moet iedereen overal weten.
Mexico-stad, 20 maart 2010
Op 22 maart 2010 gepubliceerd door ALAInet. Vertaald uit het Spaans door Dwarslezer.
vrijdag 26 maart 2010
Obama begint op gang te komen (door Néstor García Iturbe)
De figuur van Obama, die ooit hoop bood aan degenen die dachten dat hij in de Verenigde Staten een "verandering" zou kunnen verwezenlijken, zoals hij had beloofd, is aan het inzakken als een zandkasteel dat door steeds sterkere golven wordt belaagd.
Uit recente statistieken blijkt dat de sociale en economische status van de zwarten en Latino's in de Verenigde Staten is verslechterd in vergelijking met hun situatie vóór de verkiezing van Obama.
Enkele dagen geleden hielden meer dan 80.000 demonstranten, waaronder overwegend zwarten en Latino's, een mars in Washington, de hoofdstad van de natie, waarin ze uitdrukking gaven aan hun ontevredenheid over de huidige regering. Veel van de spandoeken vroegen om wat Obama had beloofd en nog niet gerealiseerd heeft, anderen herinnerden hem eraan dat hij nu dankzij hen president was; ook waren er spandoeken die hem herinnerden aan de komende tussenverkiezingen, waarbij hij hun steun nodig zou hebben.
De nieuwe wet op de Gezondheidszorg, die nog steeds definitief goedgekeurd zal moeten worden, ook al is hij dan goedgekeurd door het Huis van Afgevaardigden, wordt betwist door sommige staten die niet genoeg geld hebben om te voldoen aan de eisen die erdoor gesteld worden en die stellen dat ze hun belastingen zullen moeten verhogen om hem te kunnen uitvoeren.
Sommige van de bepalingen van de wet bepalen dat de verzekeringsmaatschappijen kunnen weigeren om de betreffende polis af te geven, of die op zijn minst kunnen vertragen terwijl ze beslissen of ze willen verzekeren of niet. Ongeveer 23 miljoen mensen zullen zich nog steeds niet kunnen verzekeren gedurende een periode van negen jaar na de aanname van de wet.
De wet stelt een verzekeringspolis verplicht voor deze doeleinden, waaraan een gemiddeld gezin ongeveer 10 procent van zijn inkomen zal moeten besteden, terwijl daardoor slechts 70 procent van de kosten voor gezondheidszorg zal worden vergoed.
Sommige gezinnen met lage inkomens hebben aangevoerd dat de polissen extreem duur zijn en dat ze die niet zullen kunnen betalen, waardoor ze bijna volledig zonder zorg zullen blijven zitten. Kortom, de belangrijkste begunstigden van de nieuwe wet, als die uiteindelijk wordt goedgekeurd, zullen niet de Verenigdestaatse burgers zijn, maar de verzekeringsmaatschappijen.
In de buitenlandse politiek is de "VERANDERING" ook niet zichtbaar, of liever gezegd kan men stellen dat als er al een verandering is, dat die dan bestaat uit een verschuiving naar rechts, uit een toename van de hegemonie, de arrogantie en de bemoeizucht.
De oorlogen in het Midden-Oosten gaan door en er kan worden gezegd dat hun acties, het aantal daarbij betrokken Verenigdestaters en het aantal veroorzaakte doden zijn toegenomen, vooral omdat naast Irak en Afghanistan, de regering Obama de VS-bemoeienis met Pakistan aanzienlijk versterkt heeft.
Het gebruik van op afstand bestuurde vliegtuigen tegen het Pakistaanse volk heeft duizenden mensen gedood, die niet voor rekening van Bush komen, maar van Obama.
In het Bush-tijdperk heeft er geen staatsgreep plaatsgevonden zoals die in Honduras. Het was niet bepaald Bush die het aantal bases van het VS-leger in Latijns-Amerika opvoerde en die de vloot in de regio versterkte. De agressieve plannen van de regering-Bush tegen Venezuela, Bolivia, Ecuador en Nicaragua zijn voortgezet tijdens de regering Obama en men kan zeggen dat ze in aantal en inhoudelijk zijn toegenomen.
Ten aanzien van Cuba heeft de regering Obama een pact gesloten met de Cubaanse gemeenschap in ballingschap, waarbij hij betoogde dat zij de beste ambassadeur zou zijn om de ideeën van vrijheid en het vrije ondernemerschap naar Cuba over te brengen. Obama's toespraak over de standpunten die Cuba moet overnemen over wat door de Verenigde Staten als "politieke gevangenen", "mensenrechten", "burgermaatschappij" en "vrije verkiezingen" wordt beschouwd verschilt absoluut niet van wat Bush vond.
De laatste tirade van de Nobelprijs voor de Vrede met betrekking tot Cuba hield hij op 24 maart in Los Angeles, Californië.
Daar verwees hij naar "de tragische dood van Orlando Zapata Tamayo," die niet zou zijn gestorven als Obama hem zou hebben gevraagd om niet door te gaan met zijn plan. Wat hij noemt "de repressie tegen de Dames in het Wit", terwijl de autoriteiten niets anders gedaan hebben dan hen te beschermen, zodat de door hun gedrag opgewonden mensen hen niet konden aanvallen.
Als Obama echt beelden wil zien van onderdrukking kan hij bepaalde video-opnamen bekijken over hoe de Verenigdestaatse autoriteiten en die van andere landen, die hij als bondgenoten beschouwt, tegen demonstranten zijn opgetreden. Ook zou hij andere recente beelden kunnen bekijken over de manier waarop de politie in verschillende steden in de VS is opgetreden tegen zwarten en Latino's die hun rechten opeisten.
Dát is onderdrukking!
Obama zegt in zijn verklaringen dat "hij zijn stem voegt bij die van de Cubanen en bij het groeiende koor dat over de hele wereld roept om het beëindigen van de onderdrukking". Als dat werkelijk zijn bedoeling is, dan heeft hij een uitstekende mogelijkheid om in eigen huis het goede voorbeeld te geven door de onderdrukking in de Verenigde Staten te beëindigen van zwarten, Latino's, vrouwen, en van iedereen die zijn rechten opeist of die protesteert tegen de acties van de Verenigdestaatse regering die in strijd zijn met de mensenrechten, de grondwet en de wetten. Laat hem dan niet doorgaan met de verspreiding van de beroemde uitspraak "Doe wat ik zeg, en niet wat ik doe".
Obama zelf benadrukt zijn inspanningen om "contact te leggen met het Cubaanse volk" en om een signaal af te geven van zijn wens om een nieuw tijdperk te starten "tussen de regeringen van de Verenigde Staten en Cuba."
Hier kunnen we zeggen dat hij de verkeerde richting in gaat. Hij moet eerst contact opnemen met de regering van Cuba, de huidige problemen tussen beide regeringen oplossen in een klimaat van wederzijds respect, en vervolgens contact opnemen met het volk.
Als hij het zó doet, kan niemand de indruk krijgen dat hij probeert in te grijpen in de interne aangelegenheden van Cuba, of dat hij een interventionistische houding aanneemt zoals eerdere regeringen. Dit is een goed advies, vol goede bedoelingen, dat hem in staat zou kunnen stellen een nieuw tijdperk te openen in de betrekkingen tussen beide naties.
De andere uitspraak riekt naar hegemonie en is bovendien tegenstrijdig. Hij stelt dat "hij de eenvoudige wens van het volk van Cuba steunt om vrij zijn toekomst te kunnen bepalen en om de rechten en vrijheden van het 'Amerikaanse systeem' te kunnen genieten."
De tegenstrijdigheid zit daarin dat hij stelt de zelfbeschikking te ondersteunen van het Cubaanse volk "om de door het 'Amerikaanse systeem' geboden rechten en vrijheden te genieten." Wat nu als die zelfbeschikking van het socialisme zou willen genieten? Zou Obama dan de zelfbeschikking van het Cubaanse volk blijven ondersteunen, of zou hij de mariniers op ons afsturen? De aanpak van de Nobelprijs voor de Vrede is inconsistent.
De hegemonische smaak zit precies daarin dat hij verwijst naar "het Amerikaanse systeem." Het moet hún systeem zijn, de leer van de Manifest Destiny heerst weer. Waar blijft de verandering?
Wat wel duidelijk is, is dat Obama op gang begint te komen. Hij mag nog steeds het orkest niet dirigeren, maar hij geeft er al blijk van dat hij talent heeft en dat hij zich inspant om als president van de Verenigde Staten zijn plicht te doen door op te komen voor interventies, hegemonie, imperialistische arrogantie en de belangen van de heersende klasse van de Verenigde Staten.
* Dr. Néstor García Iturbe is redacteur van het Nieuwsbulletin El Heraldo uit Cuba.
Vandaag gepubliceerd door ALAInet.org; vertaald uit het Spaans door Dwarslezer.
Uit recente statistieken blijkt dat de sociale en economische status van de zwarten en Latino's in de Verenigde Staten is verslechterd in vergelijking met hun situatie vóór de verkiezing van Obama.
Enkele dagen geleden hielden meer dan 80.000 demonstranten, waaronder overwegend zwarten en Latino's, een mars in Washington, de hoofdstad van de natie, waarin ze uitdrukking gaven aan hun ontevredenheid over de huidige regering. Veel van de spandoeken vroegen om wat Obama had beloofd en nog niet gerealiseerd heeft, anderen herinnerden hem eraan dat hij nu dankzij hen president was; ook waren er spandoeken die hem herinnerden aan de komende tussenverkiezingen, waarbij hij hun steun nodig zou hebben.
De nieuwe wet op de Gezondheidszorg, die nog steeds definitief goedgekeurd zal moeten worden, ook al is hij dan goedgekeurd door het Huis van Afgevaardigden, wordt betwist door sommige staten die niet genoeg geld hebben om te voldoen aan de eisen die erdoor gesteld worden en die stellen dat ze hun belastingen zullen moeten verhogen om hem te kunnen uitvoeren.
Sommige van de bepalingen van de wet bepalen dat de verzekeringsmaatschappijen kunnen weigeren om de betreffende polis af te geven, of die op zijn minst kunnen vertragen terwijl ze beslissen of ze willen verzekeren of niet. Ongeveer 23 miljoen mensen zullen zich nog steeds niet kunnen verzekeren gedurende een periode van negen jaar na de aanname van de wet.
De wet stelt een verzekeringspolis verplicht voor deze doeleinden, waaraan een gemiddeld gezin ongeveer 10 procent van zijn inkomen zal moeten besteden, terwijl daardoor slechts 70 procent van de kosten voor gezondheidszorg zal worden vergoed.
Sommige gezinnen met lage inkomens hebben aangevoerd dat de polissen extreem duur zijn en dat ze die niet zullen kunnen betalen, waardoor ze bijna volledig zonder zorg zullen blijven zitten. Kortom, de belangrijkste begunstigden van de nieuwe wet, als die uiteindelijk wordt goedgekeurd, zullen niet de Verenigdestaatse burgers zijn, maar de verzekeringsmaatschappijen.
In de buitenlandse politiek is de "VERANDERING" ook niet zichtbaar, of liever gezegd kan men stellen dat als er al een verandering is, dat die dan bestaat uit een verschuiving naar rechts, uit een toename van de hegemonie, de arrogantie en de bemoeizucht.
De oorlogen in het Midden-Oosten gaan door en er kan worden gezegd dat hun acties, het aantal daarbij betrokken Verenigdestaters en het aantal veroorzaakte doden zijn toegenomen, vooral omdat naast Irak en Afghanistan, de regering Obama de VS-bemoeienis met Pakistan aanzienlijk versterkt heeft.
Het gebruik van op afstand bestuurde vliegtuigen tegen het Pakistaanse volk heeft duizenden mensen gedood, die niet voor rekening van Bush komen, maar van Obama.
In het Bush-tijdperk heeft er geen staatsgreep plaatsgevonden zoals die in Honduras. Het was niet bepaald Bush die het aantal bases van het VS-leger in Latijns-Amerika opvoerde en die de vloot in de regio versterkte. De agressieve plannen van de regering-Bush tegen Venezuela, Bolivia, Ecuador en Nicaragua zijn voortgezet tijdens de regering Obama en men kan zeggen dat ze in aantal en inhoudelijk zijn toegenomen.
Ten aanzien van Cuba heeft de regering Obama een pact gesloten met de Cubaanse gemeenschap in ballingschap, waarbij hij betoogde dat zij de beste ambassadeur zou zijn om de ideeën van vrijheid en het vrije ondernemerschap naar Cuba over te brengen. Obama's toespraak over de standpunten die Cuba moet overnemen over wat door de Verenigde Staten als "politieke gevangenen", "mensenrechten", "burgermaatschappij" en "vrije verkiezingen" wordt beschouwd verschilt absoluut niet van wat Bush vond.
De laatste tirade van de Nobelprijs voor de Vrede met betrekking tot Cuba hield hij op 24 maart in Los Angeles, Californië.
Daar verwees hij naar "de tragische dood van Orlando Zapata Tamayo," die niet zou zijn gestorven als Obama hem zou hebben gevraagd om niet door te gaan met zijn plan. Wat hij noemt "de repressie tegen de Dames in het Wit", terwijl de autoriteiten niets anders gedaan hebben dan hen te beschermen, zodat de door hun gedrag opgewonden mensen hen niet konden aanvallen.
Als Obama echt beelden wil zien van onderdrukking kan hij bepaalde video-opnamen bekijken over hoe de Verenigdestaatse autoriteiten en die van andere landen, die hij als bondgenoten beschouwt, tegen demonstranten zijn opgetreden. Ook zou hij andere recente beelden kunnen bekijken over de manier waarop de politie in verschillende steden in de VS is opgetreden tegen zwarten en Latino's die hun rechten opeisten.
Dát is onderdrukking!
Obama zegt in zijn verklaringen dat "hij zijn stem voegt bij die van de Cubanen en bij het groeiende koor dat over de hele wereld roept om het beëindigen van de onderdrukking". Als dat werkelijk zijn bedoeling is, dan heeft hij een uitstekende mogelijkheid om in eigen huis het goede voorbeeld te geven door de onderdrukking in de Verenigde Staten te beëindigen van zwarten, Latino's, vrouwen, en van iedereen die zijn rechten opeist of die protesteert tegen de acties van de Verenigdestaatse regering die in strijd zijn met de mensenrechten, de grondwet en de wetten. Laat hem dan niet doorgaan met de verspreiding van de beroemde uitspraak "Doe wat ik zeg, en niet wat ik doe".
Obama zelf benadrukt zijn inspanningen om "contact te leggen met het Cubaanse volk" en om een signaal af te geven van zijn wens om een nieuw tijdperk te starten "tussen de regeringen van de Verenigde Staten en Cuba."
Hier kunnen we zeggen dat hij de verkeerde richting in gaat. Hij moet eerst contact opnemen met de regering van Cuba, de huidige problemen tussen beide regeringen oplossen in een klimaat van wederzijds respect, en vervolgens contact opnemen met het volk.
Als hij het zó doet, kan niemand de indruk krijgen dat hij probeert in te grijpen in de interne aangelegenheden van Cuba, of dat hij een interventionistische houding aanneemt zoals eerdere regeringen. Dit is een goed advies, vol goede bedoelingen, dat hem in staat zou kunnen stellen een nieuw tijdperk te openen in de betrekkingen tussen beide naties.
De andere uitspraak riekt naar hegemonie en is bovendien tegenstrijdig. Hij stelt dat "hij de eenvoudige wens van het volk van Cuba steunt om vrij zijn toekomst te kunnen bepalen en om de rechten en vrijheden van het 'Amerikaanse systeem' te kunnen genieten."
De tegenstrijdigheid zit daarin dat hij stelt de zelfbeschikking te ondersteunen van het Cubaanse volk "om de door het 'Amerikaanse systeem' geboden rechten en vrijheden te genieten." Wat nu als die zelfbeschikking van het socialisme zou willen genieten? Zou Obama dan de zelfbeschikking van het Cubaanse volk blijven ondersteunen, of zou hij de mariniers op ons afsturen? De aanpak van de Nobelprijs voor de Vrede is inconsistent.
De hegemonische smaak zit precies daarin dat hij verwijst naar "het Amerikaanse systeem." Het moet hún systeem zijn, de leer van de Manifest Destiny heerst weer. Waar blijft de verandering?
Wat wel duidelijk is, is dat Obama op gang begint te komen. Hij mag nog steeds het orkest niet dirigeren, maar hij geeft er al blijk van dat hij talent heeft en dat hij zich inspant om als president van de Verenigde Staten zijn plicht te doen door op te komen voor interventies, hegemonie, imperialistische arrogantie en de belangen van de heersende klasse van de Verenigde Staten.
* Dr. Néstor García Iturbe is redacteur van het Nieuwsbulletin El Heraldo uit Cuba.
Vandaag gepubliceerd door ALAInet.org; vertaald uit het Spaans door Dwarslezer.
zondag 21 maart 2010
Worden nu al brandweerlui opgeofferd om de angst voor ETA aan te wakkeren?
Op 19 maart zonden de Franse en Spaanse televisie beelden uit van vijf "ETA-leden", ofschoon het in werkelijkheid ging om vijf Catalaanse brandweerlui die in Frankrijk een training aan het volgen waren. Een communiquée van de Spaanse politie had de vijf beschreven als "ETA-terroristen" en nodigde de bevolking uit om "mee te werken om hen te identificeren en te vinden". (Le Monde, 19 maart 2010).
Volgens de Spaanse minister-president José Luis Rodríguez Zapatero moet de vergissing niet overdreven worden. Anderzijds gaf de minister van binnenlandse zaken Alfredo Pérez Rubalcaba toe dat hij zich "verantwoordelijk" voelde. Volgens hem was "de video slechts een hypothese" ( El País, gisteren). Toch gaat zijn verantwoordelijkheidsgevoel niet zo ver dat hij ontslag neemt... En de opmerking van Zapatero is werkelijk het toppunt. De brandweerlieden hadden geluk dat de Franse politie hen niet meteen neerschoot...
Volgens de Spaanse minister-president José Luis Rodríguez Zapatero moet de vergissing niet overdreven worden. Anderzijds gaf de minister van binnenlandse zaken Alfredo Pérez Rubalcaba toe dat hij zich "verantwoordelijk" voelde. Volgens hem was "de video slechts een hypothese" ( El País, gisteren). Toch gaat zijn verantwoordelijkheidsgevoel niet zo ver dat hij ontslag neemt... En de opmerking van Zapatero is werkelijk het toppunt. De brandweerlieden hadden geluk dat de Franse politie hen niet meteen neerschoot...
Abonneren op:
Posts (Atom)